AMSTERDAM - De vader van de in 1999 omgebrachte Marianne Vaatstra (16) wil dat het DNA-materiaal dat op het lichaam van zijn dochter is aangetroffen en haar spullen opnieuw door een onafhankelijke partij worden onderzocht.

Het Openbaar Ministerie (OM) in Leeuwarden bevestigt dinsdag naar aanleiding van een bericht in De Telegraaf dat het een verzoek heeft ontvangen van Bauke Vaatstra om alle gevonden DNA-profielen en de spullen van het meisje vrij te geven.

Als Justitie de gegevens niet op korte termijn beschikbaar stelt, spant Vaatstra een kort geding aan tegen het OM. "Mijn cliënt heeft geen enkel vertrouwen meer in het OM en het NFI", aldus advocaat van de familie Job Knoester tegen de krant.

Aanleiding voor het wantrouwen zijn berichten van dezelfde krant dat het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) niets doet met genetisch materiaal dat op het tasje van Marianne is gevonden door  onafhankelijke forensische laboratorium IFS.

"Met het spoor van IFS kan de dader mogelijk juist worden opgespoord", aldus Knoester. Vaatstra wil dat het IFS al het materiaal opnieuw onderzoekt.

Lopend

Een woordvoerder van het OM laat weten dat Justitie zich beraadt over het verzoek van Vaatstra. Volgens de zegsman ligt het vrijgeven van het materiaal lastig omdat de zaak-Vaatstra nog lopend is.

"Maar we willen wel benadrukken dat er voor ons geen reden is om te twijfelen aan de zorgvuldigheid van het DNA-onderzoek." Het OM laat weten te allen tijde open te staan voor een gesprek met Vaatstra.

Vermoord

De 16-jarige Marianne Vaatstra uit het Friese Zwaagwesteinde werd in 1999 in de nacht na Koninginnedag in een weiland bij Veenklooster verkracht en vermoord.

In totaal zijn vijf mensen ooit als verdachte aangewezen. Allen bleken onschuldig en van een dader ontbreekt elk spoor.