AMSTERDAM - Een verbod op pedovereniging Martijn zal weinig uithalen. "Verbod of geen verbod, wij blijven wie we zijn." Dit zegt bestuurslid Marthijn Uittenbogaard tegenover de Metro.

"Het enige verschil bij een verbod is dat we niet meer staan ingeschreven bij de Kamer van Koophandel."

Woensdag werd bekend dat Henk Bres voor een burgerinitiatief voldoende handtekeningen heeft verzameld voor een debat in de Tweede Kamer over de pedofielenvereniging.

Hiermee hoopt hij juist op een verbod. "Ik wil niet dat we toestaan dat deze gasten bij elkaar komen om allerlei tips over deze smeerpijperij uit te wisselen."

Uittenboogaard laat zich hier niet door afschrikken. "We zullen nog altijd bij elkaar komen als we daar zin in hebben."

Geen gronden

Het Openbaar Ministerie concludeerde onlangs dat er geen gronden zijn voor een verbod, omdat de gedragingen en veroordelingen van enkele leden niet aan de organisatie toe te schrijven zijn.

Zo'n 41 duizend mensen ondertekenden het burgerinitiatief om het onderwerp op de agenda van de Kamer te zetten. CDA, PvdA en Geert Wilders (PVV) zijn het niet met de beslissing van het OM eens.

Achterhaald

Volgens hoogleraar forensische psychiatrie Hjalmar van Marle van Erasmus Universiteit Rotterdam is de vereniging Martijn achterhaald en is de roep om een verbod dan ook overbodig. Van de 650 leden van weleer zijn er nog slechts 80 over.

"Het draagt bij aan de heksenjacht op pedoseksuelen, die er alleen maar voor zorgt dat ze zich niet laten behandelen, maar dat ze ondergronds gaan", stelt van Marle.