DEN HAAG - Drie Congolezen die in hechtenis zitten van het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag en die zijn toegelaten tot de Nederlandse asielprocedure, mogen geen bezoek ontvangen van hun Nederlandse rechtsbijstand.

Dat blijkt uit een ICC-document van maandag.

Het gaat om een zaak zonder precedent. De drie personen, die in de Democratische Republiek Congo in hechtenis zaten, zijn door Kinshasa 'uitgeleend' aan het ICC om te komen getuigen in de zaak-Katanga/Ngudjolo, het eerste moordproces voor het ICC.

Het kwam al eerder voor dat buitenlandse getuigen in hechtenis naar Nederland zijn overgebracht om te getuigen voor een internationaal hof. Maar volgens het ICC zijn de drie Congolezen de eersten die daarvan gebruik maken om in Nederland asiel aan te vragen.

Vervolging

Het drietal vreest bij terugkeer naar Congo voor vervolging, na belastende verklaringen tegen president Kabila. De rechters in de Katangazaak, die zelf geen asielverzoeken behandelen, vinden daarom dat de Nederlandse asielprocedure voor hen openstaat.

De Nederlandse Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) heeft eerder aangegeven dat het oordeel van het Strafhof hiervoor bepalend is.

Asielzoekers hebben in Nederland normaal recht op juridische bijstand door advocaten. De rechters in de Katangazaak hebben dan ook bepaald dat de Congolezen zo spoedig mogelijk in de Scheveningse ICC-gevangenis advocaten mogen ontvangen. De griffie van het ICC verzet zich echter daartegen. De drie 'uitgeleende' Congolezen vallen namelijk juridisch onder het gezag van Congo. De griffie wil geen bezoek van advocaten toestaan, als Congo zich daartegen verzet.

De Nederlandse asieladvocaat Flip Schüller en professor Göran Sluiter van de Universiteit van Amsterdam hadden vergeefs een verzoek ingediend voor een bezoek.