AMSTERDAM - Amsterdamse probleemjongeren die een traject hebben gevolgd om op het rechte pad te belanden, gaan daarna toch vaak weer de fout in.

Dat blijkt uit de zogeheten recidivemonitor die de gemeente maandag heeft gepubliceerd.

De hoofdstad onderzocht tien programma's voor jongeren die in aanraking zijn geweest met politie en justitie.

Het aantal van hen dat binnen 2,5 jaar opnieuw over de schreef gaat, verschilt per traject van 32 tot 87 procent.

Zware delicten

Jongeren die zware delicten hebben gepleegd of een project niet hebben afgemaakt, gaan het vaakst opnieuw de fout in. Het is wel zo dat het aantal delicten dat de jongeren plegen, daalt als ze een traject hebben gevolgd.

Dat bij een bepaald programma de recidive hoog is, hoeft volgens de gemeente niet te betekenen dat dit project niet werkt. Het kan er ook mee te maken hebben dat het zich richt op een erg moeilijke doelgroep.

Aanpassen

De gemeente wil dat het aantal jongeren dat terugvalt in het oude gedrag, daalt. Daarom zal Amsterdam trajecten in overleg met de betrokken instellingen aanpassen of zelfs beëindigen.

De gemeente volgde voor de monitor bijna 4700 jongeren die in 2007 of 2008 aan een van de tien trajecten begonnen.

De programma’s werden georganiseerd door onder meer Spirit, bureau Jeugdzorg en Reclassering Nederland. De gemeente besteedt jaarlijks 5,8 miljoen euro aan dit soort initiatieven.