ALPHEN AAN DEN RIJN - Tientallen hulpverleners rond het schietdrama in winkelcentrum De Ridderhof in Alphen aan den Rijn, hebben in de afgelopen maanden hulp gevraagd bij de verwerking van het incident. Dat heeft de politie maandag desgevraagd bevestigd.

In totaal waren op de dag van het drama circa 250 politiemensen op de been. Met de dagen erna meegerekend, waren rond de 500 politiemensen bij het incident betrokken. Tientallen van hen zijn doorverwezen naar artsen of een psycholoog.

Het gaat niet alleen om agenten die ter plaatse kwamen, maar ook bijvoorbeeld om medewerkers van de meldkamer die de getuigen telefonisch te woord stonden, rechercheurs en forensisch onderzoekers. Daarnaast zoeken ook verpleegkundigen en ambulancechauffeurs hulp.

Plaatsvervangend burgemeester Bas Eenhoorn zei dat ook veel inwoners van Alphen aan den Rijn nog kampen met de naweeën van de schietpartij. ''Mensen projecteren het incident op zichzelf. Ze realiseren zich dat zij daar ook hadden kunnen zijn. En dan wordt het in heel veel hoofden een heel groot ding en kan professionele hulp nodig zijn’’, aldus Eenhoorn.

Drama

In De Ridderhof voltrok zich bijna twee maanden geleden een drama, toen Tristan van der Vlis zijn wapens leegde op het winkelend publiek. Zes mensen kwamen om het leven, een groot aantal raakte gewond. De dader schoot uiteindelijk zichzelf dood.

Het zogenoemde Bedrijfsopvangteam (BOT) van de politie Hollands-Midden zocht direct contact met de betrokken agenten. ''Als we normaal bij een zaak komen, zijn daarbij meestal hooguit tien collega's tegelijk betrokken. Nu hebben we contact met 246 mensen. Sommigen hebben het laatste schot gehoord en de angst en dreiging aan den lijve ondervonden'', aldus een medewerkster in het politieblad Profiel.

Heksenketel

Op het politiebureau trof zij vlak na het incident ''een heksenketel'' aan. ''De collega's die ik tegenkwam waren verdwaasd en versuft, alsof ze zelf niet goed beseften wat ze hadden meegemaakt.''