'OM moet sneller opschalen bij vermissingzaken'

DORDRECHT - Bij 'zorgelijke vermissingszaken' zoals die van Milly Boele, moet sneller worden 'opgeschaald'. Dat zegt hoofdofficier van justitie in Dordrecht Paul van de Beek.

Hij concludeert dat in reactie op het onderzoeksrapport dat is opgesteld over het werk van politie en justitie in de zaak-Milly Boele.

De onderzoekscommissie concludeerde dat vooral de leiding van de politie en het Openbaar Ministerie (OM) de verdwijning van het 12-jarige meisje aanvankelijk hebben onderschat.

''Er hadden gezaghebbende leidinggevenden bij elkaar moeten komen om beslissingen te kunnen nemen'', erkent Van de Beek.

''Dat gebeurt vanaf nu ook in dit soort gevallen. Gezamenlijk met de politie en in heel het land zijn we bezig met het aanscherpen van de protocollen in dergelijke zorgwekkende vermissingzaken.''

Niet gered

Overigens is wel duidelijk geworden dat Milly Boele niet gered had kunnen worden bij een snellere opschaling, omdat ze vrij snel na haar ontvoering werd gedood door toenmalig buurtgenoot en politieman Sander V.

Die heeft bekend dat hij haar op de dag van de verdwijning, 10 maart vorig jaar, heeft vermoord. Het lichaam van het meisje werd pas zes dagen later gevonden in de tuin van Sander V., nadat hij zich bij de politie had aangegeven.

Media

Toch is Van de Beek het ook eens met de commissie dat ''we misschien sneller via de media duidelijk hadden moeten maken dat wij er wel degelijk van uitgingen dat Milly slachtoffer was van een misdrijf''.

''Maar we hebben geprobeerd de gevoelens van de familie te sparen'', legt de hoofdofficier van justitie uit. ''Wij zullen lessen trekken uit de evaluatie en met de aanbevelingen in de toekomst nog adequater en professioneler dergelijke vreselijke zaken aanpakken.''

Lees meer over:
Tip de redactie