BREDA - De rechtbank in Breda wil zelf en in het openbaar zes forensisch deskundigen horen over hun onderzoeken naar de doodsoorzaak van de vrouw die in 2008 werd gevonden in een bankgebouw in Baarle-Nassau.

Voor de zitting in juni worden bovendien nieuwe Belgische getuigen opgeroepen die zeer recent uiterst belastende verklaringen hebben afgelegd over de verdachte echtgenoot van de vrouw, de 39-jarige Robert-Jan B. De rechtbank heeft dat vrijdag bepaald.

De forensisch onderzoekers van eerst NFI en later IFS presenteerden twee totaal verschillende onderzoeken over de dood van de vrouw.

Betrokkenheid

Justitie verdenkt Robert-Jan B. van betrokkenheid bij de dood van zijn vrouw, die sinds april 2007 werd vermist.

De zaak werd bekend als die van het grenslijk, omdat haar lichaam werd gevonden in een kist in een voormalig bankgebouw dat precies op de grens staat tussen het Nederlandse Baarle-Nassau en het Belgische Baarle-Hertog.

De man zat in 2008 enige tijd vast en werd eind 2010 weer aangehouden vanwege nieuwe ontwikkelingen. Op dit moment is hij vrij man.

Snee

Het nieuwe bewijs in de zaak bestaat onder meer uit het resultaat van onderzoek naar de doodsoorzaak van de vrouw door het Nederlandse Independent Forensic Services (IFS).

Volgens advocaat van de verdachte wijst het onderzoek uit dat ze mogelijk is gestorven door een snee in haar been. Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) heeft de snee eerder niet eens als mogelijke doodsoorzaak onderzocht, zegt hij.

De nieuwe getuigenverklaringen zijn vrijdag aan de verdediging verstrekt. Wie de nieuwe getuigen zijn en wat hun rol is, was de verdediging vrijdag nog niet duidelijk.

Kinderporno

Vrijdag werd tevens formeel bekend dat aan de beschuldigingen tegen Robert-Jan B. de verspreiding van kinderporno is toegevoegd.

Op zijn laptop, gsm en camera zijn volgens justitie foto's gevonden van kinderen in seksuele poses en naakte kinderen die worden betast.

Karaktermoord

Advocaat Jan-Hein Kuijpers vertelde eerder dat het onschuldige vakantiekiekjes zijn. Hij beschuldigt het Openbaar Ministerie van karaktermoord.

Het is nog niet precies bekend wanneer de zaak verdergaat.