UTRECHT - Scholen mogen eisen stellen aan de manier waarop leerlingen hun hoofddoek dragen. Dat blijkt uit een uitspraak die de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) dinsdag heeft gedaan.

De uitspraak gaat over het Gerrit Rietveld College in Utrecht. Dat stelde met ingang van dit schooljaar nieuwe kledingregels in. Die houden onder meer in dat moslima’s wel een hoofddoek mogen dragen, maar dat die 90 procent van het gezicht moet vrijlaten.

Zo mag hij niet de wenkbrauwen of kin bedekken. Dat zou de communicatie tussen docenten en leerlingen moeilijk maken. Wie zich niet aan de regels houdt, moet uiteindelijk van school.

Pony

De voorschriften leidden tot ophef en circa vijftig leerlingen weigerden ze op te volgen. De school stapte vervolgens naar de CGB omdat zij wilde weten of ze geoorloofd zijn.

De commissie oordeelt nu dat dat het geval is. Zij vindt het doel van de school, het bevorderen van de communicatie, ''voldoende zwaarwegend". Bovendien gelden er soortgelijke regels voor alle leerlingen. Zo is het ook verboden om een pony te dragen die de ogen bedekt.

Voorschriften

Dit oordeel geldt wel alleen voor leerlingen die pas sinds dit schooljaar op het Gerrit Rietveld College zitten. Zij wisten namelijk van tevoren van de regels. Bij moslima’s die al op de onderwijsinstelling zaten, is dat niet het geval.

De commissie vindt dan ook dat zij niet van school mogen worden gestuurd als ze zich niet aan de voorschriften houden.

Karakter

De CGB tikte onlangs nog het Don Bosco College in Volendam op de vingers. Dat verbood een islamitische leerlinge een hoofddoek te dragen, omdat dit in strijd zou zijn met het katholieke karakter van de school.

Volgens de commissie is in dit geval sprake van discriminatie op grond van religie. Toch besloot het Don Bosco het (juridisch niet bindende) oordeel niet op te volgen.