AMERSFOORT - Het Openbaar Ministerie in Arnhem heeft de zaak tegen twee Nederlandse militairen, die werden verdacht van het plegen van een aanslag op een eigen Bushmaster-pantservoertuig, geseponeerd.

Dat zegt advocaat van de militairen Michael Ruperti maandag. Reden voor het staken van de zaak is volgens de raadsman gebrek aan bewijs.

Volgens de marechaussee zou de aanslag zijn gepleegd op 7 maart van dit jaar op de Nederlandse buitenpost Coyote ten noorden van Deh Rawod in Afghanistan.

De twee militairen hebben van het begin af aan ontkend. Er vielen geen doden of gewonden bij het incident.

Lokale mensen

Aanvankelijk ging Defensie er volgens Ruperti van uit dat lokale mensen op het kamp voor de explosie verantwoordelijk waren. De twee verdachten wisten namelijk net op tijd het militaire voertuig te verlaten, voordat het ontplofte.

De marechaussee begon direct een onderzoek en ondervroeg de twee militairen als slachtoffer.

Verbazing

Na een paar maanden moesten ze zich opeens opnieuw melden bij de marechaussee in Nederland. Toen tot hun grote verbazing als verdachte.

Uit het opsporingswerk zou volgens de marechaussee zijn gebleken dat de militairen de aanslag zelf zouden hebben gepleegd, aldus Ruperti.

Woedend

De verdachte militairen waren daar zeer verontwaardigd, totaal verrast en woedend over. Eén van hen heeft nadat de aanklacht tegen hem werd bekendgemaakt, het leger verlaten.

''Mijn cliënten zijn heel blij dat ze niet verder worden vervolgd'', vertelt Ruperti. ''We gaan wel een verzoek tot schadevergoeding indienden, want de militairen vinden wel dat ze door deze beschuldiging beschadigd zijn. Eén is er dus zelfs door uit het leger gestapt.''