ARNHEM - In het hoger beroep in de Puttense moordzaak in Arnhem komen geen nieuwe raadsheren. Dat heeft de wrakingskamer van het gerechtshof in Arnhem woensdag beslist.

Het hoger beroep over de moord op de 22-jarige Puttense stewardess Christel Ambrosius in 1994 werd op 18 november onderbroken.

Dat gebeurde met een wraking, net toen het gerechtshof in Arnhem een medegedetineerde van de 35-jarige verdachte Ron P. als belangrijke getuige wilde gaan verhoren. 'Wraken' betekent dat de advocaat in twijfel trekt of de raadsheren - rechters in hoger beroep - onbevooroordeeld zijn.

Telefoontaps van gesprekken tussen de medegedetineerde en zijn vrouw deden volgens P.'s advocaat Ruud van Boom een deal vermoeden tussen de getuige en het OM: belastend verklaren in ruil voor overplaatsing naar een andere gevangenis, en later naar een halfopen inrichting.

Een wrakingskamer met andere raadsheren toetste woensdag de bezwaren van de advocaat tegen de raadsheren die de zaak behandelen, en vonden geen 'zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid'.

Gebeurtenissen

Een deel van het wrakingsverzoek ging ook over gebeurtenissen in de rechtszaal eerder dit jaar. Die nam de wrakingskamer niet meer in behandeling, omdat de advocaat daarover dan eerder had moeten wraken. Het optreden van het hof op 11 en 18 november geeft geen aanleiding om de raadsheren te vervangen door nieuwe.

De zaak gaat donderdag verder. Dan wordt alsnog de medegedetineerde van P. gehoord. Deze getuige zou beweren dat P. aan hem een of meerdere bekentenissen aflegde.

Ron P. wordt behalve van de Puttense moord ook sinds februari verdacht van de moord op de Rijswijkse Anneke van der Stap in 2005.

P. werd in oktober 2009 door de rechtbank veroordeeld tot 15 jaar cel voor verkrachting van en moord op Ambrosius. Eerder zaten daarvoor twee andere Puttenaren zeven jaar onterecht vast.