DEVENTER - De snelweg A1 en directe omgeving tussen Apeldoorn en de Duitse grens moeten de komende twintig jaar op de schop.

Doel is om het dichtslibben van de snelweg en verrommeling van de omgeving te voorkomen, meldde de provincie Overijssel vrijdag.

De opwaardering van deze snelweg tussen Apeldoorn en Azelo kost naar schatting 416 miljoen euro, blijkt uit een studie van de provincies Overijssel en Gelderland, de regio's Stedendriehoek en Twente en 21 gemeenten in samenwerking met de rijksoverheid.

Aanleiding voor het plan van aanpak is onder meer het sterk toegenomen verkeer op de A1. De regio wil een deel van de kosten op zich nemen, zei gedeputeerde Job Klaasen van de provincie Overijssel.

Voorfinanciering

''De rijksoverheid zegt tot 2020 geen geld te hebben, maar we willen toch eerder al beginnen. Daarom nemen we de optie van voorfinanciering door de regio serieus'', zei Klaasen. Door het geld voor te schieten zou de schop al over enkele jaren de grond in kunnen.

De verwachting is dat zonder ingrijpen het verkeer op de A1 in dit gebied rond 2020 nagenoeg volledig vast komt te staan. De snelweg wordt vooral veel door vrachtverkeer gebruikt.

Eerder is gedacht aan een aparte rijstrook voor het vrachtvervoer. ''Dat idee is niet reëel en te duur gebleken'', aldus Johan Vogelaar, programmamanager A1-zone. Voorgesteld wordt nu de snelweg bij Deventer te verbreden van drie naar vier banen.

Schaal

Ook in de omgeving van de snelweg wordt geïnvesteerd. Met name de schaal van het project is ongekend in dit land, benadrukken de beide provincies. Het hele gebied is 800 vierkante kilometer groot.

Nieuwe scholen moeten in dit gebied bij stations geconcentreerd worden, bedrijventerreinen juist bij de snelweg.

''Wat we willen voorkomen is een situatie als bij de A12 met elkaar opeenvolgende bouwblokken. We willen ook ruimte voor natuur houden'', aldus gedeputeerde Klaasen.

Op 9 november bespreekt de regio de voorstellen met de verschillende ministeries.