RIJSWIJK - De helft van het plastic dat in Nederland gescheiden is ingezameld, wordt niet hergebruikt, maar verbrand in Duitse afvalovens. Dat komt doordat veel plastic afval uit zoveel verschillende kunststoffen bestaat dat er niets mee valt te beginnen.

Dat zegt bestuursvoorzitter Ruud Sondag van de Van Gansewinkel Groep in het jongste nummer van het tijdschrift P+. Zijn bedrijf zamelt afval in en haalt er grondstoffen en energie uit.

Grote hoeveelheden ingezameld plastic zijn een allegaartje, waar volgens Sondag weinig mee valt te doen.

''Daar kun je nog wel een leuk bankje van maken in het park, maar dat is het dan ook wel. ''Het wordt dus in Duitsland uiteindelijk verbrand. Het gaat voor 50 procent de verbrandingsovens in. Omdat ze er ook daar niks meer mee kunnen.''

Chip

Een oplossing voor dit probleem kan volgens Sondag schuilen in een 'marker', een goedkope chip waarmee waardevol afval eruit kan worden gepikt. Met producenten zouden afspraken kunnen worden gemaakt om verpakkingen van hoogwaardig plastic met zo'n marker uit te rusten.

''Dat kan zelfs heel goed met markers, die wij in de scheidingstechniek gebruiken om dingen makkelijk uit elkaar te halen. Een marker is een chip. Kost relatief niks. Als je het slechte plastic eenmaal weet te scheiden van hoogwaardig kunststof, dan kun je aan de slag gaan.''

Teleurgesteld

Directeur Jan Storm van Nedvang, dat gemeenten en bedrijven helpt bij het verwerken van verpakkingsafval, reageert "teleurgesteld" op de uitlatingen van de Van Gansewinkel Groep. Storm spreekt van onjuiste informatie.

"Feit is dat tachtig procent van het plastic verpakkingsafval afkomstig van huishoudens een tweede leven krijgt. Dit cijfer is ontleend aan officiële opgaven van afvalverwerkers aan Nedvang. Deze opgaven worden geregeld gecontroleerd door de VROM inspectie", zo luidt zijn verklaring.