DEN HAAG - In veel asielzoekerscentra in Nederland worden christenen bedreigd of mishandeld door vaak islamitische medebewoners. Dat blijkt volgens Stichting Gave uit eigen onderzoek, waarvan de uitkomsten dinsdag waren te zien in het televisieprogramma Uitgesproken EO.

Een meerderheid van de Tweede Kamer pleit er op initiatief van de ChristenUnie voor de asielprocedure te stoppen van asielzoekers die zich herhaaldelijk schuldig hebben gemaakt aan ernstige bedreigingen of fysiek geweld.

Ook wil het parlement dat minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel) de exacte omvang van het probleem onderzoekt en een onafhankelijk meldpunt inricht waar asielzoekers anoniem kunnen aangeven dat ze zijn bedreigd of mishandeld door andere asielzoekers.

Discriminatie

Volgens Stichting Gave, een christelijke organisatie die hulp biedt aan asielzoekers, krijgen christenen in 75 procent van de asielzoekerscentra te maken met discriminatie.

In 67 procent van de centra komen (doods)bedreigingen voor en in 33 procent is er sprake van fysiek geweld. Volgens de medewerkers van de stichting, die 28 asielcentra onderzochten, zijn moslims meestal verantwoordelijk voor het geweld en de bedreigingen van de christelijke asielzoekers.

Christendom

ChristenUnie-Kamerlid Joël Voordewind is geschokt over de praktijken en spreekt van ''geloofsvervolging''. Vooral de groep ex-moslims die zich hebben bekeerd tot het christendom is volgens hem een kwetsbare groep. ''Het is verschrikkelijk dat mensen, die vaak vanwege hun geloof vluchten naar Nederland en hier veilig zouden moeten zijn, hier onderdrukt worden'', stelde Voordewind.

Minister Leers zegt in een reactie dat hij het signaal uit de reportage serieus neemt. Hij wil het volledige onderzoek lezen om te bekijken of en welke maatregelen nodig zijn.

Opvangwerk

Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) herkent zich ''absoluut niet'' in de uitkomsten van het onderzoek. ''Veiligheid en leefbaarheid is de kern van ons opvangwerk. Mocht dit voor individuele bewoners in het geding komen, dan treffen wij passende maatregelen."

"Dit geldt niet alleen voor intimidatie op religieus gebied, maar ook als het gaat om een politieke overtuiging, etnische afkomst, seksuele geaardheid of andere aangelegenheden'', stelt het COA in een schriftelijke verklaring.