AMSTERDAM - Een aantal seksueel misbruikaffaires binnen katholieke instellingen is door de Rooms-Katholieke Kerk in de doofpot gestopt.

Dat blijkt uit het boek Vrome zondaars van NRC-journalist Joep Dohmen, dat woensdag verschijnt.

Dohmen schrijft onder meer over misbruikschandalen op het jongensinternaat Eikenburg in Eindhoven en de toenmalige kostschool Sint Canisiuscollege in Nijmegen en over een kapelaan uit Brunssum, die onder de leiding van het bisdom in Roermond viel.

Verklaringen

In totaal ontving de redactie van NRC Handelsblad samen met de Wereldomroep 423 verklaringen van slachtoffers van seksueel misbruik.

Dohmen stelt in het boek dat het bisdom Roermond, destijds onder leiding van bisschop Jo Gijsen, kapelaan Hub L., in de jaren tachtig liet overplaatsen naar een klooster, hoewel hij bijna dertig jaar lang misdienaars en leden van een scoutinggroep had kunnen misbruiken.

Niet veroordeeld

Ook het Openbaar Ministerie hield het bisdom de hand boven het hoofd, schrijft Dohmen. Nadat een groep leden van een scoutinggroep in 1984 aangifte had gedaan, werd de kapelaan aangehouden. Hub L. gaf de beschuldigingen van seksueel misbruik toe, maar werd niet veroordeeld. Gijsen bemiddelde volgens Dohmen. De zaak werd geseponeerd.

Ook bij een misbruikzaak op de toenmalige kostschool het Sint Canisiuscollege in Nijmegen werden van seksueel misbruik beschuldigde paters overgeplaatst. Op de vooraanstaande jongenskostschool van de orde der jezuïeten werden tientallen jongens door verscheidene paters misbruikt.

Volgens het parket-generaal van het OM lijkt er sprake te zijn geweest van bewijsbare zaken. ''Vastgesteld moet worden, dat dit geen juiste beslissingen zijn geweest'', aldus het OM woensdag. Het OM bestrijdt niettemin het in het boek geschetste beeld dat justitie ''er vooral alles aan deed om de verhoudingen met de kerk goed te houden.''

Ruchtbaarheid

Een van de 'probleempaters' kreeg in 1968 eervol ontslag en werd overgeplaatst naar een jongensinternaat in Zeist. Een andere pater van het Canisiuscollege werd tot negen maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf veroordeeld.

''De zaak werd achter gesloten deuren behandeld. Op verzoek van de orde der jezuïeten waren justitie en politie bereid geen ruchtbaarheid aan de aanhouding en de veroordeling van de pater te geven'', schrijft de NRC-journalist.

Sadisme en verkrachting

Volgens Dohmen is er geen ander instituut als het jongensinternaat Eikenburg in Eindhoven waar zoveel meldingen van ernstig fysiek geweld zijn binnengekomen. De meldingen lopen uiteen van sadisme en harde klappen tot verkrachting.

In totaal zouden 23 religieuzen van de Broeders van Liefde zich tussen 1949 en 1984 hebben vergrepen aan in elk geval 35 leerlingen. Zij hebben dat onafhankelijk van elkaar verklaard, adus Dohmen. Ook op Eikenburg volgde stille overplaatsing. In de periode 1959 en 1965 waren volgens Dohmen zeven tot acht misbruikers tegelijk actief.