AMSTERDAM - De Raad voor de Journalistiek vindt een interview dat De Telegraaf in mei publiceerde met de 9-jarige Ruben, enige overlevende van de vliegramp bij de Libische hoofdstad Tripoli, ontoelaatbaar.

Dat schrijft de Raad, die gevraagd en ongevraagd oordeelt over het optreden van journalisten, in een uitspraak waarin wordt teruggeblikt op verschillende publicaties na de crash. Een verslaggeefster van De Telegraaf kreeg Ruben naar eigen zeggen ongevraagd aan de telefoon toen ze in gesprek was met een van de Libische artsen van het jongetje.

Ruben was op dat moment nog niet op de hoogte van de dood van zijn ouders, en de journaliste van het ochtendblad heeft hem daar ook niet over ingelicht. Niettemin kwam de publicatie de krant op een storm van kritiek te staan. De Telegraaf verloor ongeveer duizend abonnees.

Schade

Volgens de Raad voor de Journalistiek is de krant met het interview over de schreef gegaan. Ruben was op het moment van het interview amper bij bewustzijn en niet of nauwelijks op de hoogte van de situatie waarin hij verkeerde.

De Telegraaf had daarom moeten beseffen dat "onverhoeds direct contact schade kan toebrengen" en het telefoongesprek moeten beëindigen. Volgens de Raad was de publicatie bovendien niet noodzakelijk om de ernst van de vliegramp weer te geven.

Foto's

De Raad gaat in zijn uitspraak ook in op enkele andere omstreden publicaties rond de vliegramp, zoals de verspreiding van foto's en video's van Ruben in zijn Libische ziekenhuisbed. Die werden uitgezonden op de Libische staatstelevisie, en vervolgens ook door de NOS. Foto's verschenen daarop in verschillende media, waaronder ook op NU.nl.

Volgens de Raad staat die publicatie weliswaar op gespannen voet met de bescherming van de privacy van slachtoffers, maar was het gebruik van de foto's toch "gerechtvaardigd door de uitzonderlijk grote nieuwswaarde en zeggenskracht van het beeld van de enige overlevende van de vliegramp bij Tripoli."

Dat beeld symboliseerde volgens de Raad "niet alleen de uitzonderlijke tragedie, maar tegelijk de hoop van het overleven." Ook speelt volgens de Raad een rol dat de beelden al wereldwijd verspreid waren.

Achternaam

Volgens de Raad zijn verschillende media wel hun boekje te buiten gegaan door foto's van slachtoffers van de ramp te downloaden van netwerksites als Hyves, en mogelijk ook door zonder toestemming foto's van nabestaanden te maken toen die een informatiecentrum in Hoofddorp bezochten.

Ook hadden media de achternaam van Ruben niet mogen publiceren, omdat dat het jongetje mogelijk belemmert om op termijn zijn normale leven weer op te pakken, terwijl de achternaam niets toevoegt aan de informatie over de ramp.

Discussie

De Raad deed zijn uitspraak op eigen initiatief naar aanleiding van de discussie die na de ramp binnen en buiten de journalistiek losbarstte over de grens tussen nieuwsverslaggeving en privacyschending.

Bij een debat daarover, eind mei, zei hoofdredacteur Hans Laroes van de NOS al dat hij achteraf vond dat de beelden van Ruben 'te snel' waren uitgezonden, al meende hij niet dat de NOS de privacy van Ruben had geschonden. Hij riep de Raad bij die gelegenheid op om zich een oordeel te vormen over de verslaggeving rond de ramp.

De Raad voor de Journalistiek is een onafhankelijk orgaan dat oordeelt over journalistieke ethiek. De Raad kan geen sancties opleggen.