DEN HAAG - Nederland heeft de afgelopen acht jaar, sinds de verdrijving van de Taliban in 2002, ruim 620 miljoen euro gestoken in de hulp aan Afghanistan.

Daarvan ging ruim 485 miljoen naar landelijke programma's, bijna 129 miljoen naar de provincie Uruzgan en ruim 6 miljoen naar Baghlan in het noorden van het land.

Dat blijkt uit opgevraagde cijfers van het ministerie van Buitenlandse Zaken dinsdag.

Potje

De kosten van vier jaar militaire inzet in Afghanistan bedragen zoals bekend 1,4 miljard euro. Dat komt uit de HGIS, een potje op het ministerie van Buitenlandse Zaken waaraan meerdere ministeries bijdragen.

Met dit geld is het militaire verblijf en de operaties betaald. In totaal is er dus 2,1 miljard euro Nederlands geld opgegaan aan Afghanistan.

De komende vier jaar is nog eens ruim 169 miljoen ontwikkelingsgeld toegezegd aan het Centraal-Aziatische land, waarvan ruim 59 miljoen euro bestemd is voor Uruzgan. De Nederlandse kosten zullen dan tot en met 2014 nog verder oplopen tot 2,3 miljard euro.

De Nederlandse bijdrage aan de ISAF-missie in Uruzgan begon op 1 augustus 2006 en eindigt zondag. Sinds 2006 ging geld naar Uruzgan, waar Nederland het militaire commando van de coalitiemacht voerde.

Hulpgeld

Met het hulpgeld is onder meer geïnvesteerd in veiligheidsprogramma's en de opbouw en hervormingen in het openbaar bestuur en justitie. Ook zijn er waterprojecten, agrarische en zorgprogramma's en de aanleg van wegen en bruggen mee betaald, evenals de bouw van scholen.

Verder was er geld voor de opvang van vluchtelingen en geld om hun terugkeer te regelen. Het geld is ook gestoken in de ontwikkeling van de private sector en de media.

De komende vier jaar gaat het meeste ontwikkelingsgeld naar programma's voor de agrarische sector en de ontwikkeling van het platteland (21 miljoen) en naar transportprojecten (14 miljoen) en de private sector (12 miljoen).