DEN HAAG - Advocaat-generaal bij de Hoge Raad Nico Jörg meent dat er niets mis is met de veroordeling van Willem Holleeder en enkele medeverdachten. Hij heeft de Hoge Raad donderdag dan ook geadviseerd deze veroordeling in stand te laten.

Het gerechtshof in Amsterdam veroordeelde Holleeder een jaar geleden in hoger beroep tot een gevangenisstraf van negen jaar, onder meer wegens de afpersing van enkele zakenlieden, deelname aan een criminele organisatie en witwaspraktijken.

Holleeders advocaten Stijn Franken en Chrisje Zuur hebben in de cassatieprocedure betoogd dat de Haarlemse rechtbankvoorzitter Rino Verpalen niet onpartijdig is geweest en dat het bewijsmateriaal dat tegen Holleeder in stelling is gebracht, niet deugt. Jörg deelt die mening niet.

Endstra

Holleeder is onder meer veroordeeld voor het stelselmatig afpersen van Willem Endstra, de Amsterdamse vastgoedmagnaat die ruim zes jaar geleden op de stoep van zijn kantoor werd doodgeschoten.

Geheime gesprekken die Endstra in de periode vlak voor zijn dood voerde met rechercheurs van de Amsterdamse politie, de zogeheten achterbankgesprekken, zijn cruciaal geweest in de bewijsvoering tegen Holleeder.

Diens advocaten hebben de bewijswaarde hiervan altijd betwist, onder meer omdat Endstra niet meer kon worden ondervraagd over zijn belastende beweringen.

Onbetrouwbaar

Zowel de rechtbank als het gerechtshof hebben het gebruik van de achterbankgesprekken als bewijs goedgekeurd, ook al omdat zij door verklaringen van anderen werden ondersteund. Met een rapport van twee door de verdediging ingeschakelde rechtspsychologen veegde het hof de vloer aan.

De psychologen kwamen tot de slotsom dat Endstra's beweringen uitermate onbetrouwbaar en als bewijs waardeloos geacht moesten worden.

Oordeel

Jörg meent dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de beide deskundigen hun boekje te buiten zijn gegaan door zich een oordeel over de bewijswaarde aan te meten. ''Het zou mij niet verbazen als het hof in wezen de deskundigen verwijt dat zij zijn gaan meeprocederen'', schrijft de advocaat-generaal in zijn conclusie.

De Hoge Raad zal naar verwachting op 12 oktober uitspraak doen in de zaak-Holleeder.