AMSTERDAM - Amsterdam gaat zich in de strijd tegen jeugdcriminaliteit en -overlast meer richten op de jongste boefjes. Het gaat om kinderen tussen de tien en zestien jaar, de zogeheten vroege starters.

De meeste en zwaarste criminaliteit wordt namelijk gepleegd door jongeren die al op jeugdige leeftijd probleemgedrag vertonen.

Dat schrijft het college van burgemeester en wethouders in een notitie, zo blijkt dinsdag naar aanleiding van een bericht in Het Parool.

Het stadsbestuur wil veel eerder ingrijpen bij kinderen die al vroeg de fout ingaan. Voor de groep jonger dan twaalf jaar moet er snelle en passende zorg komen.

Tieners tussen de twaalf en zestien die zich schuldig maken aan criminaliteit, kunnen rekenen op een combinatie van zorg en straf.

Te weinig effect

Het college wil daarnaast de zwaardere criminele jongeren harder aanpakken, aangezien de huidige maatregelen te weinig effect lijken te hebben op de kans op herhaling.

Voor de jongeren in deze groep die nog beïnvloedbaar lijken, wordt gekeken naar een andere aanpak. De criminelen ouder dan zestien jaar kunnen rekenen op vervolging.

In de notitie staat verder dat het jeugd- en veiligheidsbeleid zich meer gaat richten op het onderverdelen van (sub)doelgroepen, zoals psychopathologie, jongeren met een verstandelijke beperking en alcohol- en drugsproblematiek.