DEN HAAG - De evaluatie van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) over het eigen onderzoek in de zogenoemde Deventer moordzaak heeft geen aanwijzingen opgeleverd voor onzorgvuldige handelingen, die van invloed zijn geweest op de resultaten en conclusies in het onderzoek naar de geruchtmakende moordzaak.

Dat stelt het NFI in een notitie over een zwartboek dat een aantal burgers had uitgebracht over de werkwijze van het instituut in deze zaak. De notitie is woensdag openbaar gemaakt.

Het gerechtshof in Den Bosch veroordeelde Ernst Louwes in 2004 tot twaalf jaar cel voor de moord op de vermogende weduwe Jacqueline Wittenberg in Deventer. Het misdrijf werd in september 1999 gepleegd.

Hoger beroep

De rechtbank in Zwolle sprak Louwes aanvankelijk nog vrij wegens gebrek aan bewijs, maar het gerechtshof in Arnhem veroordeelde hem in hoger beroep tot twaalf jaar cel. Louwes verzocht de Hoge Raad om herziening van zijn zaak. De raad willigde dat verzoek destijds in en verwees de zaak naar het hof in Den Bosch.

Het proces in Den Bosch pakte voor Louwes onverwacht nadelig uit. Het Openbaar Ministerie (OM) gaf tijdens de procedure het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) opdracht de blouse van de weduwe opnieuw te onderzoeken. Daaruit kwamen voor Louwes belastende DNA-sporen naar voren. Het hof in Den Bosch veroordeelde hem daarom opnieuw tot twaalf jaar cel.

Mislukt

Louwes heeft altijd ontkend dat hij de moord heeft gepleegd. Samen met zijn advocaat Geert-Jan Knoops probeerde hij nog een keer om de zaak heropend te krijgen. Die poging mislukte.

''De meeste punten van kritiek die in het zwartboek worden geuit op het functioneren van het NFI, kunnen wij niet onderschrijven'', zo staat in de NFI-notitie. ''Op enkele punten had een andere handelwijze de voorkeur verdiend.''

Blouse

Het NFI wijst er onder meer op dat de blouse van het slachtoffer mogelijk vochtig was verpakt. Verder heeft het gebruik van folie om microsporen van het voorpand van de blouse te halen ''enige invloed'' heeft gehad op het DNA-onderzoek.

''Het had de voorkeur verdiend als het NFI het gebruik van de microsporenfolie en de mogelijke risico's daarvan meer expliciet in zijn rapportage had opgenomen'', aldus het instituut.

''In elk geval heeft het gebruik van microsporenfolie op het voorpand geen invloed gehad op het overige DNA-onderzoek.''