AMSTERDAM - De rechtbank in Amsterdam heeft vrijdag bepaald dat twee mannen die worden verdacht van betrokkenheid bij een megatransport cocaïne zaterdag op vrije voeten komen.

Het tweetal, de 55-jarige T.B. uit Zaandam en de 41-jarige R.W. uit Hoofddorp, werd vorig jaar gearresteerd en stond vrijdag pro forma terecht.

Volgens de rechtbank zijn de verdenkingen jegens het duo niet hard genoeg om hen nog langer vast te houden.

Bovendien gaat het om een betrekkelijk oude zaak: de cocaïne (4050 kilo) werd in augustus 2003 in Vlissingen ontdekt op de onder Panamese vlag varende zeesleper Otton. In een eerdere strafzaak kregen betrokken verdachten celstraffen tot twaalf jaar opgelegd.

Grootste vangst

De onderschepte cocaïne betrof de grootste vangst in Nederland ooit. De drugs hadden in de haven van Antwerpen aan land moeten worden gebracht, maar door motorpech belandde de Otton in Vlissingen.

Een tip zette de politie en de douane op het spoor van de illegale monsterpartij.

Marco P.

Vrijdag behandelde de rechtbank ook de zaak tegen de Amsterdamse vastgoedhandelaar Marco P., eveneens pro forma.

Aanvankelijk verdacht justitie hem van feiten als witwassen van misdaadgeld en afpersing. In oktober vorig jaar breidde het Openbaar Ministerie de verdenking uit: P. zou mede-inversteerder zijn geweest van het transport met de Otton.

P., geen onbekende in het criminele milieu, ontkent iedere bemoeienis met de cocaïne. Zijn zaak zal later dit jaar inhoudelijk worden behandeld. Het is niet bekend wanneer de zaken tegen de beide vrijgelaten verdachten worden voortgezet.