De aandelenbeurzen in New York zijn dinsdag met duidelijke minnen gesloten. Beleggers reageerden op de verklaring van de nieuwe voorzitter van de Federal Reserve, Jerome Powell. Zijn opmerkingen over de verbeterde economische vooruitzichten en de toegenomen inflatie sinds december zorgden onder meer voor rentevrees op de markten. 

Aandelenkoersen gingen omlaag en rentes op obligaties liepen op.

De leidende Dow-Jonesindex sloot uiteindelijk met een verlies van 1,2 procent op 25.410,03 punten. De brede S&P 500 verloor 1,3 procent tot 2744,28 punten. Technologiegraadmeter Nasdaq speelde 1,2 procent kwijt tot 7330,36 punten.

Powell beloofde het Congres om een evenwicht te vinden tussen het risico van een oververhitte economie en de noodzaak om de economische groei in goede banen te leiden. Hij gaat er daarbij vanuit dat de inflatie dit jaar zal oplopen en op middellange termijn zal stabiliseren rond het beoogde niveau van 2 procent. Beleggers vrezen onder meer een sneller dan verwachte verkrapping van het Amerikaanse monetaire beleid.

Kabelreus Comcast verloor 7,4 procent. Het bedrijf deed een bod op de Britse televisiezender Sky van 22,1 miljard pond. Dat is flink meer dan het bod van bijna 12 miljard pond die 21st Century Fox eerder deed op Sky. Het aandeel 21st Century Fox, dat al een belang van 39 procent heeft in Sky, verloor 3 procent.

Disney zag zijn beurswaarde met 4,5 procent dalen. Het entertainmentconcern kondigde een miljardeninvestering in Disneyland Parijs aan. Uitbater van zeedierenparken SeaWorld Entertainment verloor 5 procent nadat het de boeken opende. Daarbij werd het vertrek van topman Joel Manby bekendgemaakt.

Fitbit

Winkelketen Macy's (plus 3,5 procent) kwam met meevallende cijfers over het afgelopen kwartaal. De producent van fitnesshorloges Fitbit verloor dik 12 procent, onder druk van tegenvallende resultaten.

Medicijnendistributeur AmerisourceBergen verloor 2,9 procent. Onderhandelingen over een mogelijke overname door drogisterijbedrijf Walgreens Boots Alliance (min 2,1 procent) bleken uiteindelijk op niets te zijn uitgelopen.

De euro was 1,2229 dollar waard, tegen 1,2244 dollar bij het slot van de Europese beurzen. Een vat Amerikaanse olie zakte 1,6 procent in prijs tot 62,90 dollar. Brentolie werd 1,4 procent goedkoper op 66,56 dollar per vat.