De beurzen in New York zijn dinsdag met kleine winsten gesloten, na koersverliezen aan het begin van de dag. Door de zwakkere dollar zijn de hernieuwde zorgen over Noord-Korea op Wall Street al weer wat weggeëbd.

De Dow-Jonesindex eindigde 0,3 procent hoger op 21.865,37 punten. De bredere S&P 500 won 0,1 procent tot 2446,30 punten en technologiegraadmeter Nasdaq kreeg er 0,3 procent bij op 6301,89 punten. De euro werd voor het eerst sinds begin 2015 meer dan 1,20 dollar waard, om later wel weer iets terug te zakken tot 1,1966 dollar.

De zwakkere dollarkoers kan gunstig uitpakken voor de Amerikaanse export. De munt verliest al een aantal dagen terrein ten opzichte van de koers van de euro.

Dat komt ook omdat er nog veel onzeker is over de schade die orkaan Harvey heeft aangericht. Verder zijn er analisten die denken dat de Federal Reserve door alle onrust met Harvey en Noord-Korea mogelijk wat langer kan wachten met het opschroeven van de rente.

United Technologies

Sterkste stijger in de Dow was United Technologies, dat 2,9 procent won. Volgens mediaberichten is het industrieconcern dicht bij een overname van fabrikant van vliegtuigonderdelen Rockwell Collins (plus 2,2 procent). Over die mogelijke miljardendeal gaan al langer geruchten. Het aandeel van branchegenoot Boeing dikte in het kielzog met 1,4 procent aan.

Elektronicaketen Best Buy speelde vanwege tegenvallende kwartaalcijfers bijna 12 procent kwijt. Het bedrijf was zelf wel positief over zijn prestaties en verhoogde zijn winstverwachting voor het lopende boekjaar.

Finish Line ging met een min van 18 procent ook hard onderuit. De sportschoenenverkoper heeft juist een minder rooskleurige prognose voor het hele jaar afgegeven. Rivaal Nike speelde 1,9 procent kwijt en was daarmee de grootste verliezer in de Dow.

Verder moesten oliebedrijven Marathon Petroleum en Anadarko Petroleum tot ruim 2 procent inleveren, vanwege schade aan raffinaderijen door het noodweer in Texas. De olieprijzen lieten een gemengd beeld zien. Een vat Amerikaanse olie werd 0,4 procent goedkoper op 46,37 dollar. Brentolie kostte juist 0,1 procent meer op 51,94 dollar per vat.