Luchtvaartgroep IAG, het moederbedrijf van onder meer British Airways en Iberia, heeft 2015 afgesloten met een nettowinst van 1,5 miljard euro. 

Dat is de helft meer dan een jaar eerder. Het bedrijf kon onder meer profiteren van een lagere brandstofrekening.

IAG behaalde afgelopen jaar een omzet van 22,9 miljard euro, ruim 13 procent meer dan in 2014. Die groei is mede te danken aan de overname van het Ierse Aer Lingus in augustus.

Gecorrigeerd voor het stuwende effect van de sterke dollar zijn de opbrengsten per vervoerde passagier wel gedaald. Dat komt door hevige concurrentie, die de ticketprijzen drukte.

Lage olieprijzen

De dure dollar beperkte ook het voordeel dat IAG had van de lagere olieprijzen. De brandstofkosten vielen in dollars ruim 17 procent lager uit, maar in euro's slechts 6,3 procent. De operationele winst kwam uit op 2,3 miljard euro, ruim twee derde meer dan in 2014.

Voor 2016 gaat AIG uit van een verdere toename van de operationele winst. De omzetontwikkeling in de eerste weken van het jaar was grofweg in lijn met die in het vierde kwartaal. Wel wees topman Willie Walsh in een toelichting op de aanhoudend sterke schommelingen in de olie- en valutamarkten.

Fusie

IAG ontstond in 2011 uit de fusie tussen British Airways en Iberia. De afgelopen jaren zijn ook de Spaanse prijsvechter Vueling en Aer Lingus onderdeel geworden van IAG. Het Brits-Spaanse concern is na Lufthansa en Air France-KLM de derde wereldwijd actieve luchtvaartgroep van Europa.

Vergeleken met die rivalen, waar het personeel zich nog altijd verzet tegen bezuinigingsplannen, heeft IAG de kosten beter onder controle. De gehele sector profiteert momenteel evenwel van een sterke vraag naar vliegreizen en de laagste brandstofprijzen in meer dan tien jaar.