De Indiase staalproducent Tata Steel heeft in de laatste maanden van 2015 flink te lijden gehad van scherp dalende prijzen. 

Het moederbedrijf van het voormalige Hoogovens in IJmuiden is daardoor diep in de rode cijfers gedoken, blijkt uit donderdag gepresenteerde kwartaalresultaten.

Met name staalbedrijven uit China, Rusland, Zuid-Korea en Japan kampen met een terugvallende vraag in eigen land. In plaats van hun overcapaciteit aan te pakken, dumpen zij hun producten tegen bodemprijzen op zowel de Indiase als de Europese markt.

''Deze oneerlijk geprijsde producten verstoren de balans tussen vraag en aanbod in veel regio's, drukken de prijzen en ondermijnen de winstgevendheid van veel grote staalproducenten'', aldus Tata in zijn kwartaalbericht.

Het bedrijf boekte afgelopen kwartaal een nettoverlies van omgerekend 280 miljoen euro, tegen een winst van ruim 20 miljoen euro een jaar eerder. Ondanks een hogere productie is de omzet met een zesde ingezakt tot omgerekend 3,7 miljard euro.

Britse fabrieken

Vooral de Britse fabrieken van Tata Steel hebben het erg moeilijk met de concurrentie uit opkomende markten. Zij kampen ook nog met de nadelige effecten van het dure Britse pond en relatief hoge energiekosten.

Het bedrijf maakte onlangs bekend dat de komende tijd nog eens duizend Britse banen komen te vervallen, bovenop een nog grotere reorganisatie die vorig jaar al was aangekondigd.

De Europese Unie nam vorige week maatregelen om de import van goedkoop staal uit China aan banden te leggen. Op de producten van veel Chinese staalbedrijven is sinds zaterdag een extra invoerheffing van kracht die kan oplopen tot 13 procent.