De beurs in Tokio is donderdag lager gesloten, terwijl de andere markten in het Verre Oosten de weg omhoog vonden. 

Het beurssentiment in Japan stond onder druk door de sterkere yen en tegenvallend bedrijfsnieuws. De Nikkei eindigde 0,9 procent lager op 17.044,99 punten.

In Tokio ging de noodlijdende elektronicaproducent Sharp bijna 17 procent omhoog na berichten dat het bestuur voorkeur geeft aan een overnamebod van het Taiwanese Foxconn.

Technologieconcern Toshiba steeg 2,9 procent, ondanks een verhoging van de verliesprognose voor dit lopende boekjaar. Toshiba heeft te kampen met de nasleep van een groot boekhoudschandaal.

Hitachi

Industrieconcern Hitachi verloor echter 7,8 procent, na een verlaging van de winstverwachting. Het bedrijf heeft last van de lagere olieprijzen en de afzwakkende Chinese economie. Elektronicabedrijf Panasonic kwam ook met tegenvallende vooruitzichten en ging 8,7 procent omlaag.

Elders in Azië trokken de beurzen zich op aan het herstel van de olieprijzen.

Zo won de All Ordinaries in Sydney 2 procent en de Kospi in Seoul klom 1,4 procent. De Hang Seng in Hongkong noteerde 1,2 procent hoger en de Shanghai Composite ging 1,2 procent vooruit. In China kwam de centrale bank opnieuw met een ingreep op de valutamarkt.