ABN Amro heeft niet te klagen over belangstelling voor zijn beursgang die op 20 november is voorzien. Er hebben zich al binnen een dag na de aankondiging voldoende beleggers gemeld om alle stukken af te nemen die de Nederlandse overheid wil verkopen. 

Dat blijkt volgens persbureau Bloomberg uit voorwaarden die woensdag naar investeerders zijn gestuurd.

De Staat biedt 188 miljoen certificaten van aandelen te koop aan, waarvan 10 procent bestemd is voor particuliere beleggers.

Daarnaast hebben de begeleidende banken de mogelijkheid om bij een sterke vraag nog eens 15 procent extra aandelen te plaatsen. Ook daarvoor lijkt de belangstelling groot genoeg. Als de banken van die optie ten volle gebruikmaken, neemt de overheid volgende week afscheid van een belang van 23 procent in ABN Amro.

De opbrengst van de beursgang kan in dat geval oplopen tot 4,3 miljard euro. Dat is ook afhankelijk van de introductiekoers. Daarvan is bekendgemaakt dat die tussen de 16 en 20 euro per aandeel komt te liggen. Dan zou aan heel ABN Amro een prijskaartje hangen van 15 miljard tot 18,8 miljard euro. 

Minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën) benadrukte evenwel dinsdag dat het nog te vroeg is om te voorspellen hoeveel de bank in zijn geheel uiteindelijk zal opbrengen.