Een speciale heffing op financiële transacties in de EU is weer een stap dichterbij gekomen. 

De elf EU-landen die deze financiële transactietaks (FTT) willen instellen, hebben nog geen doorbraak bereikt, maar zijn wel nader tot elkaar gekomen.

De Oostenrijkse minister van Financiën Hans Jörg Schelling had het zaterdag over ''essentiële vooruitgang''. Hij zei dat een werkgroep de technische details over de taks de komende weken verder zal uitwerken. Tijdens de vergadering van ministers in oktober staat de FTT dan weer op de agenda, in de hoop wellicht een doorbraak te forceren.

Over de invoering van de ftt wordt sinds de kredietcrisis gesproken. Doel van de heffing op onder meer aandelentransacties is om 'onverantwoordelijke' aandelenhandel aan te pakken, zoals flitstransacties.

De elf landen die deze speciale taks willen invoeren, zijn Duitsland, Frankrijk, Spanje, Italië, België, Oostenrijk, Portugal, Griekenland, Estland, Slowakije en Slovenië. Nederland staat niet per se afwijzend tegen een speciale taks, maar wil wel een uitzondering voor de pensioenfondsen.