De aandelenbeurzen in China zijn donderdag na een zeer wisselvallige handelssessie met winst gesloten. Aanvankelijke winsten verdampten in de middaghandel, maar vervolgens veerden de koersen toch weer stevig op.

De beurs in Shanghai won uiteindelijk 5 procent. De handel werd daarbij gesteund door nieuwe maatregelen die de Chinese centrale bank woensdag aankondigde, in een poging de aanhoudende verliezen op de beurzen te stoppen. Gezien de dolle rit die de beurzen donderdag maakten, is er nog weinig te zeggen over de mate waarin dit gelukt is.

Elders in de regio werden ook winsten geboekt in navolging van het herstel op Wall Street. De Hang Seng-index in Hongkong ging 3,6 procent vooruit. De All Ordinaries in Sydney steeg 1,2 procent en de Kospi in Seoul kreeg er 0,7 procent bij.

De Nikkei in Tokio eindigde 1,1 procent hoger op 18.574,44 punten. Vooral de Japanse bankaandelen waren in trek bij beleggers. Mitsubishi UFJ Financial Group en Sumitomo Mitsui Financial Group stegen ruim 2 procent. Ook de exportbedrijven werden opgepikt. Automaker Toyota en elektronicaconcern Sony wonnen respectievelijk 1,5 en 3 procent.

De gouverneur van de Bank of Japan, Haruhiko Kuroda, liet in een toespraak in New York weten dat de inflatiedoelstelling van 2 procent in 2016 nog altijd haalbaar is, ondanks de aanhoudende daling van de olieprijzen. Zijn collega van de Fed in New York liet doorschemeren dat de kans op een renteverhoging in de VS in september is afgenomen.