De ophef over de veiligheid van zijn wagens heeft de Amerikaanse autofabrikant General Motors (GM) het afgelopen jaar miljarden gekost.

De nettowinst nam mede daardoor met ruim een kwart af tot 2,8 miljard dollar (2,4 miljard euro), zo maakt de onderneming woensdag bekend.

GM moest tientallen miljoenen auto's terugroepen naar de garage wegens mogelijke technische mankementen, die in sommige gevallen tot dodelijke ongevallen zouden hebben geleid.

Dat leverde voor belastingen een kostenpost op van in totaal 2,8 miljard dollar. Die deed ruimschoots de gestegen autoverkopen teniet. De jaaromzet steeg wel een fractie, tot krap 156 miljard dollar.

De Amerikaanse automobielindustrie profiteert de laatste tijd van de forse daling van de brandstofprijzen. Die stimuleert de vraag naar grotere wagens, zoals pick-ups en terreinwagens (SUV's).

Daardoor wist het bedrijf in het vierde kwartaal met name in eigen land de winst op te voeren. Daarbij hielp mee dat de kosten van terugroepacties in die periode juist lager uitvielen dan een jaar eerder.

In Europa zakte GM dieper in de rode cijfers. Het moederbedrijf van Opel boekte daar in het laatste kwartaal van 2014 een operationeel verlies van 393 miljoen dollar, tegen 363 miljoen dollar een jaar eerder. Dat kwam door economische tegenwind, een gekelderde verkoop in Rusland en nadelige wisselkoerseffecten.