Dienstverlener aan de olie- en gasindustrie SBM Offshore heeft de afgelopen drie jaar bewust de feiten achtergehouden over de ernst, de omvang, de duur en het systematische karakter van de corruptie binnen het bedrijf. 

Dat schrijft Vrij Nederland (VN) in de editie van het blad die vanaf woensdag in de schappen ligt.

VN baseert het artikel op documenten en bandopnamen die in het bezit zijn van voormalig SBM-medewerker Jonathan Taylor. Hij werkte bijna tien jaar als jurist bij het bedrijf uit Schiedam.

SBM heeft alle beschuldigingen tegenover VN "ten sterkste" ontkend. Het bedrijf wilde niet in detail op de aantijgingen ingaan, omdat er een juridische procedure loopt tegen Taylor. SBM beschuldigt hem van chantage.

De dienstverlener schikte vorig jaar met het OM voor 192 miljoen euro en voorkwam daarmee vervolging wegens corruptiepraktijken in onder meer Angola, Equatoriaal-Guinea en Brazilië.

In Brazilië loopt nog een onderzoek naar betalingen van smeergeld tussen SBM en staatsoliebedrijf Petrobras. Volgens Taylor blijft de ware aard en omvang van de corruptie verborgen door de schikking.

Openbaar Ministerie 

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft de vermeende corruptiepraktijken van SBM Offshore in onder meer Brazilië goed en gedegen onderzocht en heeft op basis daarvan een goed beeld gekregen van de ernst van de overtredingen. Dat zei een woordvoerster van het OM woensdag in reactie op de aantijging van Taylor dat het OM het bedrijf in feite de hand boven het hoofd heeft gehouden.

Het OM heeft de exacte inhoud van de schikking nooit bekendgemaakt. Wel liet het aan tijdschrift Vrij Nederland weten dat een onderzoek eventueel heropend kan worden indien zich nieuwe feiten en omstandigheden voordoen.