Olie werd dinsdag flink duurder nadat opnieuw een aantal olieconcerns aankondigde dit jaar veel minder te zullen investeren dan in het recente verleden.

BP, de Europese nummer twee achter Shell, verwacht dit jaar 20 miljard dollar aan kapitaaluitgaven, waar eerder nog werd uitgegaan van 24 à 26 miljard dollar.

Vorige week maakten Shell en Chevron al bekend het mes te zullen zetten in hun budgetten. Het Franse Total deed dat al enkele weken geleden.

De olieprijzen kregen ook een impuls van stakingen in de Amerikaanse raffinagesector, waardoor 10 procent van de verwerkingscapaciteit buiten werking is.

Boorplatformen

De prijs van een vat Amerikaanse olie (van 159 liter) steeg dinsdagavond met ruim 7 procent naar 53,20 dollar. Brent werd bijna 6 procent duurder en kostte 57,88 dollar per vat.

Het zwarte goud werd de afgelopen drie handelsdagen ook al duurder. De aanleiding daarvoor was de sterkste daling van het aantal boorplatformen op het Amerikaanse vasteland in drie jaar.

Hoogste niveau

De Amerikaanse productie bereikte vorig jaar, vooral dankzij de grote schalievelden, het hoogste niveau in ruim dertig jaar.

De afgelopen maanden zakten de olieprijzen met zo'n 60 procent. Amerikaanse olie bereikte daarbij vorige week nog een dieptepunt van 43,58 dollar. Brent zakte tot 45,19 dollar per vat.

Bekijk de actuele brandstofprijzen | Bekijk de actuele olieprijs