Een onderaannemer van Shell moet een boete van 12,2 miljoen dollar (bijna 9,9 miljoen euro) betalen, omdat het bedrijf grote fouten heeft gemaakt met twee boorschepen in Alaska in 2012.

Noble Drilling geeft de fouten toe en heeft een schikking getroffen, maakte het Amerikaanse ministerie van Justitie bekend.

Noble Drilling leverde twee schepen aan Shell, de Noble Discoverer en de Kulluk. Met die schepen boorde het Brits-Nederlandse olieconcern naar olie in de wateren bij Alaska. Beide schepen vertoonden veel mankementen. Noble Drilling verzweeg die problemen voor de autoriteiten.

De Kulluk sloeg op oudjaarsdag 2012 los van zijn sleepkabels tijdens een storm. Het schip liep vervolgens aan de grond met 500.000 liter diesel en 45.000 liter aan andere olieproducten aan boord. Pas na een week kon het schip worden vlotgetrokken. De Noble Discoverer moest naar de kust gesleept worden vanwege motorproblemen.

Niet acceptabel

Shell laat in een reactie weten dat de fouten die Noble Drilling heeft gemaakt ''niet passen bij onze standaarden en niet acceptabel zijn''.

Noble Drilling blijft wel werken voor Shell. Dat zegt ook dat er maatregelen zijn genomen om herhaling te voorkomen. Zo is de Noble Discoverer gerepareerd en opgeknapt.

Het boren naar olie en gas in de wateren bij Alaska is omstreden. Milieuorganisatie Greenpeace stelt dinsdag: ''De bekentenis en veroordeling van Noble Drilling laten zien, dat de bedrijven die Shell inhuurt het werk niet veilig doen en dat de risico’s enorm zijn. Het is dan ook waanzin dat Shell zijn plannen om te boren in het kwetsbare noordpoolgebied bij Alaska doorzet.''

Shell houdt zich daarover op de vlakte. Het bedrijf zegt de mening van Greenpeace te respecteren. ''We weten dat het zoeken naar olie en gas in het poolgebied mensen verdeelt.

Sommigen associëren de winning met milieuschade en mogelijke olielekken. Anderen zien dat de winning tegemoetkomt aan de toenemende behoefte aan energie.''