De waarde van de euro is dinsdag opgelopen tot de hoogste stand ten opzichte van de dollar in bijna twee maanden. 

Gunstige berichten over vooral de Spaanse economie en de verwachting dat de Europese Centrale Bank (ECB) voorlopig geen actie onderneemt tegen de lage inflatie in de eurozone ondersteunen de vraag naar de Europese munt.

De euro klom in de middaghandel met ruim 0,5 procent ten opzichte van de stand bij het slot van de Europese beurzen op maandag, tot 1,3951 dollar.

Dat is de hoogste stand sinds halverwege maart. In die maand werd met 1,3967 dollar de hoogste waarde van dit jaar bereikt.

ECB-president Mario Draghi heeft de laatste tijd herhaaldelijk aangegeven dat de sterke euro de ECB kan aanzetten tot nieuwe maatregelen.

Deflatie

De dure euro maakt import goedkoper en heeft daardoor een drukkend effect op de inflatie. Die ligt al geruime tijd ver onder het door de centrale bank nagestreefde peil van iets minder dan 2 procent, waardoor de vrees voor een periode van aanhoudende prijsdalingen (deflatie) toeneemt.

Over het algemeen wordt echter verwacht dat de ECB in ieder geval deze maand nog niet in actie komt.

Eerder op de dag waren er opbeurende berichten over de Spaanse en Italiaanse economie, waar de activiteit in de dienstensector stevig aantrok. Dit zorgde voor een verdere daling van de rentes van Zuid-Europese staatsobligaties, waarbij de Italiaanse tienjaarsrente voor het eerst onder de grens van 3 procent zakte.

Ook de Spaanse rente zakte tot 2,99 procent en staat daarmee op het laagste niveau in jaren.