Kredietbeoordelaar Standard & Poor's heeft de vooruitzichten van vijftien Europese banken verlaagd naar 'negatief'. 

Eerder stond de waardering, van onder meer ING, op stabiel, zo maakte S&P dinsdag bekend.

S&P verklaart de verlaging als een logisch antwoord op het beleid van de Europese regeringen om strengere eisen te stellen aan het eigen kapitaal van de financiële instellingen en eerder crediteuren en obligatiehouders van de bank aan te spreken als een instelling kopje onder gaat.

De kans dat een bank wordt gered door de overheid neemt steeds verder af, aldus S&P.

Deutsche Bank

Behalve voor de twee Nederlandse banken, verlaagde S&P ook de vooruitzichten voor onder meer Barclays, Deutsche Bank, Credit Suisse, KBC Bank en UBS. Overigens hadden 38 andere banken al een negatieve 'outlook', die de kredietbeoordelaar heeft gehandhaafd.

De maatregel van S&P volgt op de goedkeuring , eerder deze maand, door het Europees parlement van het saneringsfonds voor falende banken. Banken moeten volgens de nieuwe regels meer kapitaal in kas houden en beleggers en grote spaarders moeten meebetalen als de bank in zwaar weer raakt.