De aandelenbeurzen in New York zijn donderdag opnieuw met verlies gesloten. 

Winstnemingen en de aanhoudende onrust rond Rusland drukten de graadmeters voor de vierde keer in vijf dagen in de min, terwijl de uitslagen van de stresstest van de Federal Reserve de grote Amerikaanse bank Citigroup een stevig verlies bezorgden.

De Dow-Jonesindex eindigde met 16.264,23 punten een fractie onder de slotstand van woensdag. De S&P 500 zakte 0,2 procent tot 1849,04 punten en kwam daarmee uit op het peil van eind vorig jaar. Technologiegraadmeter Nasdaq leverde 0,5 procent in tot 4151,23 punten.

Opbeurende berichten over de Amerikaanse economie, die vorig kwartaal sterker is gegroeid dan eerder gedacht, waren geen stimulans voor de handel.

Volgens analisten speelde de drang onder beleggers om risico's enigszins terug te dringen een belangrijkere rol dan het vooruitzicht op verder herstel van de economie. Dat herstel kan zorgen voor een hogere rente in de VS, die negatief kan uitpakken voor de aandelenmarkten.

Citigroup

Citigroup leverde 5,4 procent in en boekte daarmee zijn sterkste koersverlies sinds 2012. De Federal Reserve heeft de kapitaalplannen van Citigroup afgekeurd omdat de bank niet over voldoende kapitaal beschikt om een nieuwe crisis te doorstaan.

Citigroup moest hierdoor zijn plannen om aandeelhouders te belonen via de opkoop van aandelen en de uitkering van dividend herzien.

De prijs van Amerikaanse olie steeg met ruim 1 procent tot 101,38 dollar per vat, onder meer door afnemende olievoorraden in de VS. Olieconcern ExxonMobil stond mede dankzij die prijsstijging met een plus van 1,6 procent bovenaan de Dow Jones. Telecombedrijven Verizon en AT&T volgden met winsten van iets meer dan 1 procent.

Smartphonespelletjesproducent King Digital zette zijn neergang door. De maker van Candy Crush leverde bijna 3 procent in, nadat het aandeel bij de introductie op de beurs een dag eerder al bijna 16 procent van zijn waarde had ingeleverd. King ging voor 22,50 dollar naar de beurs, daar bleef donderdag slechts 18,49 dollar van over.

De euro was donderdagavond 1,3740 dollar waard, tegen 1,3755 dollar bij het slot van de Europese beurzen eerder op de dag.