Europese beleggers haalden vrijdag de schouders op over een tegenvallend Amerikaans banenrapport.

Net als bij een aantal eerdere economische cijfers die niet aan de verwachtingen voldeden, kreeg het slechte weer dat de Verenigde Staten de afgelopen periode teisterde, de schuld.

De belangrijkste beursindices gingen licht hoger het weekeinde in. In Amsterdam eindigde de AEX-index met een winst van 0,3 procent op 389,54 punten. De MidKap steeg 0,2 procent tot 637,62 punten. De hoofdgraadmeters in Londen, Frankfurt en Parijs gingen met winsten tot 1 procent de handel uit.

In de AEX maakte SBM Offshore een duikeling van bijna 12 procent na publicatie van een document over een enorm omkopingsschandaal rond de leverancier van productieplatformen aan de olie- en gasindustrie. Als de gegevens kloppen, wat volgens SBM Offshore overigens slechts ten dele het geval is, zou de zaak waarover het bedrijf de markt in april 2012 informeerde een stuk groter kunnen zijn dan tot dusver werd gedacht.

De sterkste stijger bij de Amsterdamse hoofdfondsen was vastgoedfonds Unibail-Rodamco met een plus van 2,1 procent. Branchegenoot Corio won 1,2 procent, net als verffabrikant AkzoNobel. Luchtvaartgroep Air France-KLM was na SBM Offshore de sterkste in de AEX met een verlies van 3,6 procent, na berichten in Franse media over een naderende aandelenuitgifte.

ArcelorMittal kreeg er 0,8 procent bij. De grootste staalfabrikant ter wereld zag het bedrijfsresultaat in 2013 met bijna 11 procent stijgen en voorziet ook een flinke toename in 2014. Ook roestvrijstaalproducent Aperam kwam met beter dan verwachte kwartaalcijfers en ging met een plus van ruim 13 procent aan kop in de MidKap.

In Helsinki maakte Sanoma een koersval van ruim 16 procent. Het Finse moederbedrijf van tv-zender SBS, nieuwswebsite NU.nl en tijdschriften als de Libelle en Donald Duck blijft last houden van dalende advertentie-inkomsten en leed in 2013 een fiks verlies.

De euro was 1,3612 dollar waard, tegen 1,3605 dollar bij het slot van de Europese beurshandel op donderdag. Amerikaanse ruwe olie werd op de termijnmarkt 0,6 procent duurder en kostte 98,37 dollar per vat. Een vat Brentolie van 159 liter bracht 108,25 dollar op, een prijsstijging van 1 procent.