De aandelenbeurzen in New York daalden maandag. Beleggers overpeinsden de gevolgen van een eventueel versnelde afbouw van het steunprogramma ('tapering') van de Federal Reserve.

Vanaf deze maand is het bedrag dat de Amerikaanse centrale bank in de economie pompt, 75 miljard dollar, 10 miljard dollar minder dan voorheen.

De Dow-Jonesindex sloot 1,1 procent lager op 16.257,94 punten en de Nasdaq leverde 1,5 procent in tot 4.113,30 punten.

De S&P 500 kende de slechtste handelsdag sinds eind november met een verlies van 1,3 procent tot 1.819,20 punten. De graadmeter is dit jaar 1,6 procent gedaald nadat vorig jaar met een winst van 30 procent de beste prestatie sinds 1997 werd neergezet.

Prognoses

''De markt is in afwachting van de kwartaalcijfers en de prognoses voor het hele boekjaar. Een onbekende factor daarin is het tempo waarin de steun wordt afgebouwd'', aldus een beleggingsstrateeg.

Vanaf dinsdag komt een groot aantal banken, chipfabrikant Intel en het industrieel conglomeraat General Electrics met cijfers. Maandag kregen beleggers echter ook al het nodige nieuws te verwerken. Drankconcern Beam, bekend van onder meer Jim Beam-bourbon en Courvoisier-cognac, wordt voor 16 miljard dollar (11,7 miljard euro) overgenomen door zijn Japanse branchegenoot Suntory.

De koers van Beam liep met een koerssprong van 24,6 procent op naar 83,42 dollar, vlak onder het bod van 83,50 dollar per aandeel van Suntory.

De koers van de producent van netwerkapparatuur Juniper Networks schoot 7,6 procent omhoog toen bronnen meldden dat het bedrijf onder vuur ligt van het activistische hedgefonds Elliott Management.

Prosensa

Het Nederlandse biotechbedrijf Prosensa, sinds de zomer van 2013 genoteerd aan de Nasdaq, blonk uit in negatieve zin. Het aandeel daalde 12,5 procent in waarde nadat bekendgemaakt was dat het bedrijf zijn samenwerkingsovereenkomst met de Britse farmaceut GlaxoSmithKline heeft beëindigd.

De twee werkten sinds 2009 aan de ontwikkeling van een medicijn tegen de ziekte van Duchenne. In september vorig jaar bleek uit tests dat het meest veelbelovende middel, drisapersen, niet goed werkt.

De euro was 1,3674 dollar waard, tegen 1,3644 dollar bij het slot van de Europese beurzen. Amerikaanse olie daalde 1,2 procent tot 91,65 dollar per vat, Brentolie werd 0,7 procent goedkoper op 106,54 dollar per vat.