Het Nederlandse farmaceutische bedrijf Janssen gaat niet in beroep tegen een Europese boete wegens overtreding van de mededingingsregels, zo maakte het bedrijf zaterdag bekend. 

Het farmabedrijf, onderdeel van het Amerikaanse Johnson & Johnson, had in 2005 met een concurrent verboden afspraken gemaakt om een goedkoop medicijn van de markt te weren.

''Wij betreuren dat door deze co-promotie het zorgstelsel niet heeft kunnen profiteren van lagere generieke prijzen gedurende deze periode'', zegt directeur Sonja Willems van Janssen Benelux. Het bedrijf zegt inmiddels maatregelen te hebben genomen om herhaling van dit soort situaties te voorkomen.

De Europese Commissie legde de farmaceuten Johnson & Johnson (VS) en Novartis (Zwitserland) een boete van in totaal ruim 16 miljoen euro op. Hun dochterondernemingen in Nederland hadden destijds afgesproken een goedkopere variant van de pijnstiller Fentanyl met vertraging op de Nederlandse markt te brengen.

Mededingingsregels

Met hun afspraken schonden Johnson & Johnson en het Nederlandse Janssen-Cilag BV, respectievelijk Novartis en Sandoz BV, de Europese mededingingsregels.

De bedrijven deinsden er niet voor terug om Nederlandse patiënten de toegang te ontzeggen tot een goedkopere versie van dit medicijn, zei Europees Commissaris Joaquin Almunia (Mededinging).

Sandoz wilde een eigen versie van Fentanyl op de markt brengen, maar Janssen-Cilag haalde de concurrent over dat niet te doen. In ruil kreeg Sandoz maandelijkse betalingen die hoger waren dan de verwachte winst op de verkoop van het alternatieve Fentanyl, aldus de Europese Commissie.