De Europese aandelenmarkten sloten donderdag met bescheiden winsten. De positieve teneur was te danken aan sterke kwartaalcijfers van een aantal bedrijven en aan een toename van de industriële bedrijvigheid in China tot het hoogste niveau in 7 maanden.

De AEX-index steeg 0,4 procent tot een slotstand van 390,21 punten en de MidKap ging 0,3 procent vooruit tot 601,03 punten. De graadmeters in Frankfurt en Londen wonnen respectievelijk 0,6 en 0,7 procent, terwijl de CAC 40 in Parijs wat achterbleef met een plus van 0,4 procent.

Het Zweeds-Zwitserse conglomeraat ABB en de Duitse autofabrikant Daimler behoorden tot de uitblinkers. ABB, een branchegenoot van het Duitse Siemens, voerde zijn nettowinst in het derde kwartaal met 10 procent op tot 835 miljoen dollar dankzij een toename van orders uit China en Duitsland.

Het aandeel steeg 5 procent. Daimler haalde een bedrijfsresultaat van 2,23 miljard euro, waar analisten rekenden op 2,1 miljard euro. Het bedrijf werd beloond met een koerswinst van 3,3 procent.

Ericsson

Ericsson verloor in Stockholm 5,3 procent nadat de winst van de Zweedse producent van telecomapparatuur lager uitviel dan verwacht.

Gemalto viel ook uit de toon. De Franse specialist in digitale beveiliging, die deel uitmaakt van de AEX, presenteerde een omzetgroei van 10 procent in het afgelopen kwartaal. Beleggers hadden op meer gehoopt en besloten wat winst te nemen. Gemalto leverde 3,9 procent in en bungelde daarmee onderaan de hoofdindex.

Unilever

Unilever ging 0,2 procent vooruit ondanks een flinke omzetdaling in de afgelopen maanden. Het bedrijf kampte met ongunstige wisselkoersen en afzwakkende groei in opkomende markten. In het vierde kwartaal rekent Unilever op een verbetering van de omzetgroei ten opzichte van dit kwartaal.

De Amerikaanse dollar stond onder druk door het vooruitzicht dat het stimuleringsbeleid van de Federal Reserve voorlopig niet wordt ingeperkt. De euro was daardoor voor het eerst sinds november 2011 meer dan 1,38 dollar waard.

De eenheidsmunt noteerde 1,3809 dollar, tegen 1,3777 dollar bij het slot van de Europese beurshandel woensdag. De prijs van Amerikaanse olie daalde 0,4 procent tot 96,46 dollar per vat. Brentolie zakte ook 0,4 procent en kwam daarmee op 107,34 dollar.