De aandelenbeurs in Tokio is dinsdag opnieuw lager gesloten. De vrees voor een escalatie van het conflict in Syrië en een duurdere Japanse yen zorgden voor een negatieve stemming op de Japanse beurs.

Een aanhoudende winststijging van Chinese industriële bedrijven in juli bood enig tegenwicht. De Nikkei eindigde 0,7 procent lager op 13.542,37 punten.

Tokyo Electric Power (Tepco) was een positieve uitschieter met een koerssprong van 12,3 procent. De Japanse regering is haar geduld kwijt met de moeizame pogingen van de Japanse energiemaatschappij om de beschadigde reactors van de kerncentrale Fukushima onder controle te krijgen en heeft de leiding overgenomen. De regering overweegt omgerekend 2,7 miljard euro te investeren in de opruimwerkzaamheden.

Op de andere beurzen in het Verre Oosten werden ook overwegend verliezen geleden. In Hongkong daalde de Hang Seng-index 0,8 procent en in Seoul verloor de Kospi 0,1 procent. De All Ordinaries in Sydney noteerde onveranderd. Billabong leverde bijna 8 procent in. Het geplaagde Australische surfmerk zag het verlies in zijn boekjaar, dat liep tot eind juni, verdrievoudigen tot 860 miljoen Australische dollar (ruim 577 miljoen euro).