De aandelenbeurzen op Wall Street hebben hun verkorte handelsdag woensdag met winst gesloten. Gunstige berichten over de Amerikaanse arbeidsmarkt wogen zwaarder dan de politieke onrust in Portugal en Egypte.

De Dow-Jonesindex sloot 0,4 procent hoger op 14.988,55 punten. De brede S&P 500 klom 0,1 procent tot 1615,41 punten. Technologiegraadmeter Nasdaq eindigde 0,3 procent in de plus op 3443,67 punten.

De slotbel op Wall Street klonk 3 uur vroeger dan normaal vanwege de viering van Onafhankelijkheidsdag op donderdag. De Amerikaanse beurzen zijn dan de hele dag gesloten.

Uit cijfers van loonstrookverwerker ADP bleek voorbeurs dat de werkgelegenheid in het Amerikaanse bedrijfsleven in juni met 188.000 banen is gegroeid. Economen hadden gerekend op 160.000 nieuwe banen. Het ADP-rapport geldt als een voorbode van het officiële banencijfer dat vrijdag naar buiten komt. Daarbij wordt ook de ontwikkeling van de werkgelegenheid bij de overheid meegerekend.

Egypte

De onrust in Egypte dreef de prijs van Amerikaanse olie woensdag voor het eerst in 9 maanden op tot meer dan 100 dollar per vat. Bij het slot van de beurzen op Wall Street stond de olieprijs 1,6 procent hoger dan aan het begin van de dag, op 101,20 dollar. De koersen van grote olieconcerns als Exxon Mobil en Chevron kwamen nauwelijks in beweging.

Het besluit van kredietbeoordelaar Standard & Poor's om de rating van diverse grote Europese banken te verlagen, woog ook door op Wall Street. Bank of America zakte 0,5 procent, Citigroup leverde 1 procent in.

Alcoa

Aluminiumgigant Alcoa verloor 1,2 procent. Analisten van JPMorgan Chase verlaagden hun advies voor het aandeel, vanwege de matige vooruitzichten voor de aluminiumprijs. Alcoa komt maandag nabeurs met de resultaten van het tweede kwartaal en is daarmee traditiegetrouw het eerste grote Amerikaanse bedrijf dat de boeken van het afgelopen kwartaal opent.

De euro was woensdagavond met 1,3010 dollar evenveel waard als bij het slot van de Europese beurzen eerder op de dag.