BRUSSEL - De ministers van Financiën van de 17 eurolanden (eurogroep) gaan het noodfonds ESM onderverdelen.

Dat maakte de voorzitter van de eurogroep, Jeroen Dijsselbloem, maandag na afloop van overleg in Brussel bekend. Besluiten zijn echter nog niet definitief genomen.

Staatssecretaris Frans Weekers (Financiën), die Nederland vertegenwoordigt nu minister Dijsselbloem de voorzittershamer hanteert, wilde geen bedragen noemen die binnen het ESM beschikbaar zouden moeten zijn voor in nood verkerende banken. Er gelden voor Weekers twee voorwaarden. Dat is dat de waardering van het noodfonds door kredietbeoordelaars als S&P niet slechter wordt. Daarnaast mogen de toegezegde bedragen en garanties van de lidstaten niet hoger worden.

Het direct geld verstrekken aan banken brengt een hoger risico met zich mee dan het geven van leningen aan lidstaten.

Ook wordt onderzocht hoe binnen het ESM ook private investeerders kunnen deelnemen aan het zogeheten direct herkapitaliseren van banken. Daarvoor zijn wel nieuwe instrumenten nodig, aldus de directeur van het fonds, Klaus Regling, maandag.