UTRECHT - De nationalisatie van SNS Reaal heeft een ''neutraal tot licht negatief'' effect op de Nederlandse banken en is ''positief'' voor verzekeraars. Dat concludeert Rabobank woensdag in een analistenrapport.

De nationalisatie, afgelopen vrijdag, is volgens Rabo ,,enigszins'' positief voor Aegon en Delta Lloyd. Voor ING is de nationalisatie neutraal en neutraal tot licht negatief voor Van Lanschot. De Nederlandse banken betalen 1 miljard euro aan de redding van SNS Reaal in de vorm van een eenmalige heffing. 

Aegon en Delta Lloyd zullen waarschijnlijk profiteren van de consolidatie van de Nederlandse verzekeringsmarkt. De bedrijven kunnen misschien delen van de verzekeringstak van SNS Reaal opkopen. Daarnaast is minder concurrentie op het gebied van banksparen gunstig voor de verzekeraar, aldus de Rabobank.

Heffing is op te brengen

De heffing is in absolute termen een groot bedrag, maar volgens Rabo zeker op te brengen voor ING. Die bank haalt een jaarwinst van 4 tot 5 miljard euro. Ook ING zal profiteren van de consolidatie op de verzekeringsmarkt en de mildere concurrentie bij banksparen.

Rabobank betaalt naar rato van het depositogarantiestelsel. Dat betekent dat de bank rond de dertig procent van de heffing voor zijn rekening neemt.

Die heffing legt minister Jeroen Dijsselbloem op, omdat een faillissement van SNS Reaal de banken ook veel geld zou hebben gekost. In dat geval hadden SNS-klanten een beroep kunnen doen op het depositogarantiestelsel. En die pot wordt door de Nederlandse banken gevuld.

Rabobank denkt dat het waarschijnlijk is dat toezichthouders wat scherper zullen kijken naar de vastgoedkredieten van de Nederlandse financiële sector. De conclusie is wellicht dat ING's portefeuille anders is dan die van SNS Reaal, omdat ING vrijwel geen leningen heeft verstrekt aan projectontwikkelaars.