NEW YORK - In New York zijn de Amerikaanse beurzen maandag lager gesloten.

Na de recente euforie door maatregelen van centrale banken, trokken de protesten in het Midden-Oosten tegen een anti-islamfilm de aandacht van beleggers.

De olieprijs ging aan het eind van de handel scherp onderuit, mogelijk mede door een computerprobleem.

De Dow-Jonesindex sloot 0,3 procent (40,27 punten) lager op 13.553,10 punten. De brede S&P 500 daalde 0,3 procent (4,58 punten) tot 1461,19 punten en technologiebeurs Nasdaq zakte 0,2 procent (5,28 punten) tot 3178,67 punten.

De Amerikaanse olieprijs daalde met 2,9 procent tot 96,11 dollar per vat. Brentolie daalde 3 procent tot 113,17 dollar per vat. De handelsvolumes namen in korte tijd sterk toe, wat op een probleem met een computer-algoritme kan duiden. Energie-gerelateerde fondsen behoorden daarom tot de sterkste verliezers. ExxonMobil leverde 0,4 procent in.

Dankzij de recente aankondigingen over ingrepen door de Europese Centrale Bank (ECB) en de Amerikaanse Federal Reserve, maken beleggers zich minder zorgen over de financiële markten. ,,We kunnen ons concentreren op andere dingen die belangrijk zijn in de wereld'', zei Ken Polcari van ICAP Equities in New York.

Demonstranten in diverse landen in het Midden-Oosten en Azië verbrandden maandag Amerikaanse vlaggen en riepen ,,Dood aan Amerika''. Zij protesteerden naar eigen zeggen tegen de anti-islamfilm Onschuld van moslims, waarin de profeet Mohammed wordt afgeschilderd als seksueel losgeslagen gangster en oplichter.

Apple was een lichtpuntje. Het aandeel bereikte maandag de hoogste koers ooit en sloot met een dagwinst van 1,2 procent tot 699,78 dollar. Het Amerikaanse technologiebedrijf heeft in de eerste 24 uur waarin klanten de nieuwste iPhone konden bestellen, ruim 2 miljoen orders binnengekregen. Dat zijn er twee keer zoveel als bij het debuut van de iPhone 4S vorig jaar. Mobiele aanbieder AT&T meldde ook dat de nieuwste iPhone nu al een verkoopsucces is.

Op macro-economisch vlak bleek maandag dat de industriële activiteit in de regio rond New York in september verder is afgenomen tot het laagste niveau sinds april 2009. Later in de week zullen nog cijfers over de Amerikaanse huizenmarkt, de wekelijkse uitkeringsaanvragen en een indicator van de industriële bedrijvigheid in de regio Philadelphia worden bekendgemaakt.

De euro noteerde 1,3110 dollar, in vergelijking met 1,3120 dollar rond het slot van de Europese beurzen.