CALGARY - Shell gaat bij zijn teerzandproject in Canada het broeikasgas CO2 afvangen en opslaan. Het zogeheten Quest-project wordt gebouwd namens de partners in het Athabasca Oil Sands Project, Shell, Chevron en Marathon Oil. Dat maakte Shell woensdag bekend.

Het is volgens Shell het eerste zogeheten Carbon Capture and Storage (CCS) project rond de winning van olie uit teerzanden.

''Als je de klimaatdoelen wilt halen, moet CCS deel uitmaken van de oplossingen. We werken op meerdere plekken in de wereld aan CCS-technologie, maar Quest zal ons belangrijkste project zijn'', liet bestuursvoorzitter Peter Voser weten.

Volgens Shell staat CCS in hoog aanzien bij zowel de Canadese regering als de regering van de provincie Alberta, waar het teerzandproject is gevestigd. De Canadese overheid investeert 120 miljoen dollar in Quest, Alberta 745 miljoen dollar.

Een woordvoerder van Shell wilde niet zeggen welk bedrag Shell zelf investeert, maar verwees wel naar een raming van de Canadese overheid. Die becijferde de kosten voor een periode van 15 jaar, waarvan 5 bouwjaren, op 1,35 miljard dollar.

Capaciteit

Quest, dat in ongeveer 30 maanden zal worden opgetrokken, krijgt een capaciteit van 1 miljoen ton per jaar. Het gas wordt in een steenlaag gepompt. De reductie van CO2-uitstoot bij een verwerkingsfabriek van Shell in Edmonton zal door Quest gelijk staan aan de uitstoot van 175.000 auto's op jaarbasis.

Chevron wil bij het Gorgon-gasproject, waarin Shell een belang heeft, een CCS-project opzetten met een capaciteit van 3 tot 4 miljoen ton per jaar. ,,De definitieve investeringsbeslissing daarvoor is nog niet genomen'', aldus de woordvoerder van Shell.