NEW YORK - Beleggers op de Amerikaanse aandelenbeurzen maakten zich maandag zorgen over de ontwikkelingen in Europa. De politieke onrust in Frankrijk en Nederland riep de vraag op of de eurozone wel bij machte is om de voortslepende schuldenproblematiek aan te pakken.

De Dow-Jonesindex sloot 0,8 procent lager op 12.927,17 punten. De S&P 500-index daalde 0,8 procent tot 1366,94 punten en de Nasdaq leverde 1 procent in tot 2970,45 punten.

In de loop van de dag viel het kabinet Rutte, terwijl de Franse president Nicolas Sarkozy zondag de eerste ronde van de presidentsverkiezingen verloor.

De winnaar, de socialist François Hollande, heeft eerder aangegeven het crisisbeleid van Frankrijk te willen wijzigen. Ook wil hij opnieuw onderhandelen over het Europese begrotingspact.

Onrust

''Uiteraard is er politieke onrust, maar die onrust wordt altijd versterkt door zorgen over economische groei'', aldus een handelaar. Ook op economisch gebied waren er maandag tegenvallers te melden.

De economische activiteit in de eurozone nam in april verder af, waarbij de activiteit in de Duitse industrie de sterkste krimp in 3 jaar kende. Ook bleek dat Spanje in het afgelopen kwartaal in een recessie is beland.

''Het wordt langzamerhand duidelijk dat de eurozone in een recessie zit, dat brengt veel zorgen met zich mee'', aldus een beleggingsstrateeg. ''Om uit de schuldenproblematiek te komen, is groei nodig. Die fase hebben we nog niet bereikt.''

Ophef

Ook bedrijfsnieuws zorgde voor ophef. Amerikaanse media meldden afgelopen weekend dat Wal-Mart wordt verdacht van omkoping in Mexico. 's Werelds grootste detailhandelaar stond onderaan in de Dow-Jonesindex met een koersverlies van 4,7 procent.

De fabrikant van onder meer cornflakes Kellogg verlaagde voor de opening van de handel zijn winst- en omzetverwachting voor dit jaar. Beleggers waren daar niet van gecharmeerd en zetten het fonds 6,1 procent lager.

Olieconcern ConocoPhillips stond aanvankelijk 2 procent in de min nadat de winst per aandeel in het eerste kwartaal wat lager uitviel dan analisten voorzagen. In de tweede helft van de handelsdag werd een deel van de schade ingelopen, waarna het fonds 0,7 procent lager sloot.

De euro noteerde 1,3156 dollar in vergelijking met 1,3133 dollar bij het slot van de Europese beurzen.