LONDEN - Royal Bank of Scotland (RBS) werd 3 jaar geleden naar de rand van de afgrond gedreven door slechte beslissingen van het management, gebrekkige regelgeving en een zwak toezicht. 

Dat is een van de conclusies in een lang verwacht rapport van de Britse beurswaakhond Financial Services Authority (FSA).

De kapitaalpositie van RBS was te zwak om delen van ABN Amro over te nemen. Het bankconcern had volgens de FSA te weinig oog voor de risico's die dit met zich meebracht. ''Het besluit om een overname te doen van deze schaalgrootte op basis van een beperkt boekenonderzoek mag bestempeld worden als gokken'', aldus de toezichthouder.

De FSA pleit voor meer macht om in de toekomst dergelijke overnames te kunnen tegenhouden. Volgens het rapport stond de toezichthouder tijdens de overname van ABN onder politieke druk om soepel om te gaan met de regels. RBS moest in 2008 van de ondergang gered worden met een kapitaalinjectie van in totaal 45 miljard pond (50 miljard euro).

Veiliger

RBS-topman Philip Hampton liet maandag in een reactie weten geleerd te hebben van de gemaakte fouten in het verleden. "Ons nieuwe leiderschap heeft aanzienlijke vorderingen gemaakt om de bank veiliger te maken en is meer gericht op de behoeften van onze klanten'', aldus Hampton.

In het maandag verschenen rapport haalt de FSA ook uit naar de Britse oud-premier Gordon Brown. Hij had verscheidene keren gezegd dat hij geen onnodige restrictieve regelgeving wilde die de concurrentiepositie van Londen in gevaar bracht.