NEW YORK - De politieke onzekerheid in Europa drukte vrijdag opnieuw op de beurzen van Wall Street.

De stemming in het Griekse parlement over het lot van premier George Papandreou en de onzekerheid over de versterking van het Europese noodfonds deden het enthousiasme van beleggers na 2 positieve handelsdagen geen goed.

De Dow-Jonesindex van 30 hoofdfondsen eindigde 0,5 procent lager op 11.983,24 punten. De brede S&P 500 zakte 0,6 procent tot 1253,23 punten. Technologiegraadmeter Nasdaq verloor 0,4 procent tot 2686,15 punten.

Merkel

De Duitse bondskanselier Angela Merkel gaf op de G20-top aan dat er weinig landen klaarstaan om bij te dragen aan het Europese noodfonds. Ook over de versterking van de kas van het Internationaal Monetair Fonds is nog geen definitief akkkoord gesloten, stelde ze.

Daardoor namen de twijfels toe over de mogelijkheden van Europa om de verdere escalatie van de schuldencrisis te voorkomen. In dat licht werd wel bekendgemaakt dat het IMF toezicht gaat houden op de vorderingen van Italië bij de hervorming van de economie.

Banen

Cijfers over de Amerikaanse arbeidsmarkt wisten beleggers ook niet te overtuigen. De banengroei was vorige maand minder sterk dan verwacht. Aan de andere kant was er wel sprake van een kleine daling van de werkloosheid en werd de banengroei van eerdere maanden positief bijgesteld.

Het aandeel Groupon maakte een ijzersterk debuut op de Amerikaanse effectenbeurs. Het bedrijf achter de advertentiesite werd op de eerste handelsdag 37 procent meer waard.

JPMorgan Chase

De banken Bank of America (min 6,4 procent) en JPMorgan Chase (min 1,9 procent) stonden onder aan de Dow Jones. Beide instellingen bleken vrijdag op een lijst van 29 grote banken te staan die in de toekomst aan scherpere kapitaaleisen moeten voldoen. Bank of America werd daarnaast gestraft voor het plan om nieuwe aandelen uit te geven.

Investeerders waren in afwachting van de stemming in het Griekse parlement later op de avond over het lot van premier George Papandreou. Wanneer de premier voldoende steun krijgt, kan hij proberen door te regeren, maar hij kan ook samen met de oppositie een regering vormen.

De euro was vrijdagavond 1,3770 dollar waard, tegen 1,3750 dollar bij het slot van de Europese beurshandel. De prijs van een vat Amerikaanse olie steeg met 0,3 procent tot 94,40 dollar.