NEW YORK - De aandelenkoersen op de effectenbeurs van New York zijn dinsdag, de eerste handelsdag van de maand, geleidelijk aan dieper in het rood gezakt.

De stemming werd vooral gedrukt door de aanhoudende zorgen over de situatie in het Midden-Oosten en een olieprijs die door de 100 dollar was geschoten.

Daar kwam bij dat Ben Bernanke, de president van het Amerikaanse stelsel van centrale banken, waarschuwde dat aanhoudende stijgende olieprijzen een bedreiging vormen voor de economische groei in de Verenigde Staten.

De toonaangevende Dow-Jonesindex sloot met een verlies van 1,4 procent op 12.058,02 punten. De breder samengestelde S&P 500 verloor 1,6 procent op 1306,33 punten. Schermenbeurs Nasdaq ging eenzelfde percentage omlaag tot 2737,41 punten.

Trend

De afgelopen zeven maanden gingen de beurskoersen telkens op de eerste handelsdag van de maand omhoog. Dinsdag werd deze trend doorbroken.

Dat kwam vooral door de groeiende politieke en economische chaos in het olierijke Libië, waardoor de prijs van een vat ruwe Amerikaanse olie met 3,6 procent omhoog schoot tot 100,48 dollar.

Midden-Oosten

''Alle ogen blijven gericht op de onrust in het Midden-Oosten. De hamvraag blijft: wat gaat er met Saudi-Arabië gebeuren'', zegt een Amerikaanse handelaar. Beleggers vrezen dat consumenten minder zullen besteden door de dure olie en dat de winstmarges van bedrijven onder druk komen te staan.

Veel richtinggevend bedrijfsnieuws voor beleggers om op te handelen was er niet dinsdag. Ook kwamen er geen macrocijfers naar buiten die de handel bepaalden.

Omlaag

De beurskoersen gingen over de hele linie omlaag. Vooral fondsen die het moeten hebben van de industriële groei hadden het zwaar. Zo stond aluminiumgigant Alcoa onderaan de Dow met een verlies van 3,6 procent.

Conglomeraat General Electric bezette de op een na laatste plek met een verlies van 3,2 procent. Caterpillar, fabrikant van zware graafmachines, ging 3 procent omlaag, terwijl chemiereus DuPont 2,6 procent minder waard werd.

Hand

De stijgers op de lijst van Dow-fondsen waren op een hand te tellen. Frisdrankenproducent Coca-Cola ging aan kop met een plus van 1,6 procent. Wal-Mart Stores volgde met een kleine plus van 0,2 procent.

Op de valutamarkt noteerde de euro op 1,3770 dollar, vergeleken met 1,3800 dollar bij het slot van de Amerikaanse beurzen maandag.