AMSTERDAM – Beleggers moeten niet bang zijn voor spijt achteraf en altijd rationeel blijven. Dat vindt universitair hoofddocent Leo Paas van de Amsterdamse Vrije Universiteit. Paas deed samen met onder andere Carmen Lee onderzoek naar de psychologische kanten van beleggen.

De onderzoekers hebben in een recente paper, onderdeel van een drieluik, uitgezocht hoe persoonlijkheidstrekken financiële beslissingen beïnvloeden. Hieruit blijkt dat beleggers die hoog scoren op intellect en meegaandheid zich makkelijker aanpassen aan verliezen en hierdoor verlieslatende fondsen te lang vasthouden.

“Mensen houden verlieslatende beleggingen te lang vast, omdat ze hun geld willen terugverdienen. Wij vragen ons bovendien af waarom ze op een gegeven moment toch worden afgestoten”, licht Paas toe.

Te kort

Al in 1985 werd gewezen op het ‘disposition effect’. Dit houdt in dat investeerders niet alleen hun verlieslatende posities te lang in hun bezit houden, maar ook hun winstgevende te kort.

De onderzoekers hebben in hun studie gebruikgemaakt van de zogenoemde big five, vijf dimensies waarmee de persoonlijkheid van mensen beschreven kan worden, door te bekijken in hoeverre deze van toepassing zijn. Dit zijn, naast intellect en meegaandheid, extraversie, zorgvuldigheid en emotionele stabiliteit.

Mensen met een bovengemiddelde intelligentie hebben dus de neiging hun verliezen sneller te accepteren. “Dat betekent echter niet dat zij in het nadeel zijn bij het beleggen, tegenover die acceptatie staat bijvoorbeeld dat ze een betere inschatting van de gevolgen kunnen maken”, nuanceert Paas.

Beleggers die laag scoren op zorgvuldigheid accepteren verliezen juist minder gemakkelijk. “Zo iemand past zich minder aan, is minder flexibel en geeft minder snel op. “

Emotie

Een emotie die beleggers parten speelt is spijt, en dan met name spijt die in de toekomst verwacht wordt. “Investeerders zijn bang achteraf spijt te krijgen van een verlieslatende positie, omdat deze in de toekomst mogelijk weer gaat stijgen. Dat is een reden om een aandeel te lang vast te houden.”

Als een investeerder dus verwacht spijt te krijgen van een bepaalde actie, is het minder waarschijnlijk dat hij het aandeel zal verkopen. Als de belegger daarentegen voorziet trots te ervaren, neemt de waarschijnlijkheid te verkopen toe. Ook emotionele factoren als schaamte en schuldgevoel zouden invloed kunnen uitoefenen.

Andere persoonlijke factoren die volgens Paas mogelijk een rol zouden kunnen spelen bij financiële beslissingen zijn bijvoorbeeld risicogeneigdheid, ervaring in de financiële dienstverlening en de hoeveelheid geld die iemand achter de hand heeft.

Vragenlijst

In sommige landen moeten potentiële beleggers voor ze aan de slag gaan een vragenlijst invullen, om te bepalen of ze er wel geschikt voor zijn.

Ook voor Nederland een goed idee, vindt Paas. “Met behulp van een vragenlijst kan bekeken worden of iemand bijvoorbeeld een lage risiconeiging heeft. Zo iemand zou gewezen moeten worden op de risico’s van beleggen. Het invullen van een vragenlijst kan ervoor zorgen dat klanten van banken zich bewuster worden van wat ze eigenlijk aan het doen zijn.”

De onderzoekers concluderen dan ook dat het aan te bevelen valt investeerders beter voor te lichten over hoe hun karaktertrekken hun keuzes kan beïnvloeden. “Beleggers zouden een verlies niet te snel moeten accepteren en zich er bewust van zijn dat dit nog groter kan worden. En heel in het algemeen kun je stellen dat ze altijd hun verstand moeten blijven gebruiken”, besluit Paas.